Terug naar Fietsreisverslagen
Terug naar hoofdpagina

REISVERSLAG van de FIETSROUTE in 2000.

GELEEN - SANTIAGO de COMPOSTELA.

 

 

 

 

Fietsers:

Cor en Sophie Ronda (beiden 50 jaar)

 

 

 

 

 

Vertrekdatum: zaterdag 5 augustus 2000

Datum van aankomst: vrijdag 8 september 2000

 

Afstand: 2587 km

 

 

 

Fietsroute LANGS OUDE WEGEN en pelgrimssteden (PIROLA)

Maastricht/Aken - Vézelay - Pyreneeën

Schrijver: Clemens Sweerman

 

St.Jacobs fietsroute deel 3 (PIROLA)

Pyreneeën Santiago de Compostela

Schrijver: Clemens Sweerman

 

 

 

INHOUD:

Voorwoord

Reisverslag (blz. 3 t/m 67)

Slot

Uitrusting

Etappe-overzicht

 

 

 

VERSLAG: Sophie Ronda.

E-mail; Santiago@Rondaditstuktekstweglaten.Demon.nl

 

 

GELEEN - SANTIAGO de COMPOSTELA.

Volgens het katholieke geloof zijn er vele bedevaartplaatsen, de "grote drie" zijn; Rome, Jeruzalem en Santiago de Compostela. In deze laatste plaats wordt de Heilige Jacobus de Meerdere vereerd. Hij was een van de twaalf apostelen.

Het idee om met zijn tweetjes naar Santiago de Compostela te gaan, is tijd geleden ontstaan ( 1996). We hoorden dat er verschillende mensen zijn die de tocht wandelend hadden volbracht. Dat leek ons ook wel wat, niet voor dit moment, maar later misschien.

We zijn ons er voor gaan interesseren nadat een kennis van ons deze tocht per fiets gemaakt heeft.

Allereerst hebben wij ons lid gemaakt van het Genootschap van Sint JACOB Nederland. Op deze vergaderingen ontmoeten we hele enthousiaste mensen, die boeiende verhalen vertellen over wat ze onderweg meemaakten.

Het eerste reisverslag heb ik van Adèle gekregen. Een man en een vrouw vertellen hierin hun belevenissen van de tocht. Nu worden wij nieuwsgierig en gaan we ons "verdiepen" in de geschiedenis van de pelgrimage naar Santiago de Compostela, in de ruimste zin van het woord. Er blijken verschillende routes te zijn naar Santiago de Compostela. Na deze uitgebreid bekeken te hebben, besluiten wij pas een half jaar van tevoren welke route wij definitief zullen gaan fietsen. We gaan steeds meer boeken kopen en zelfs Cor, die nooit leest, duikt de boeken in. Hoe meer wij er ons in verdiepen en hoe langer wij er mee bezig zijn, staat voor ons vast dat wij "het" gaan doen, maar wanneer?

We prikken de datum, augustus/september 2000. Wij zijn dan alletwee 50 jaar. Dit is een hele mijlpaal en hier mogen we wel dankbaar voor zijn. Dan komt het moment dat we aan iedereen gaan vertellen; "We gaan fietsen naar Santiago de Compostela!!".

Nu kunnen we niet meer terug.

We bereiden ons geestelijk voor, maar de praktische en lichamelijke kant moeten we ook niet vergeten.

Er moeten nieuwe fietsen aangeschaft worden, dus stapels folders bestuderen en winkels langs gaan. Uiteindelijk kiezen we voor de Koga Miyata. Fietstassen hebben we ook nodig en kampeerspullen niet te vergeten, want we willen uiteindelijk kamperen. We krijgen tips van vrienden die al een fietsvakantie ondernomen hebben.

In de winter voor ons vetrek moet Cor zitvlees kweken op rollers met zijn Koga, lekker binnen op de logeerkamer met de cd-speler op volle sterkte.

Het eerste weekend in maart 2000, met carnaval, beginnen we aan onze conditie te werken. Zaterdags gaan we eerst nog naar een bijeenkomst van de St. Jakobsvereniging in Roermond. Hier krijgen we weer heel veel informatie en luisteren we naar interessante verhalen.

Op zondag beginnen we met de LF7 te fietsen, deze volgen we tot in Utrecht. De eerste etappe gaat via Weert (bij Bert en Trees), waar we Adèle ontmoeten. Vervolgens fietsen we samen door naar Eindhoven. We blijven bij haar slapen. Adèle is al naar haar werk als wij s morgens opstaan. De tweede etappe komt uit in Leerdam, hier pakken we een hotel en de laatste dag fietsen we tot in Utrecht. We bezoeken nog de buurt waar Cor in Utrecht geboren is en dan hebben we weer een afspraak met Adèle. Met de trein weer naar huis.

We nemen ons voor om vanaf nu ieder weekend te fietsen. We maken dagtrippen en ook weer tourtochten, met bepakking en zonder bagage. We fietsen met volle bepakking de Mergellandroute, dit is een pittige tourtocht van 90 km door de Limburgse heuvels. In onze voorbereidingen (3-daagse trip met volle bepakking), bezoeken we per fiets ook nog Vessem (Noord Brabant). Hier hebben "de broeders van Dongen" een bezinningscentrum in de St. Jakobshoeve. De ontvangst door broeder Fons v.d. Laar is heel gastvrij.

We fietsen nog de Veluwe route (270 km), als we in Epe (Gelderland) met de caravan op vakantie zijn.In totaal hebben wij als voorbereiding 2500 kilometer gefietst.

Iedereen steunt ons. De hele familie, ook het personeel van de Jaro. Ze zullen het 6 weken zonder ons moeten doen.

Pastoor Janssen van de Augustinuskerk geeft ons nog de pelgrimszege en plaatst de eerste stempel in onze pelgrimspassen. Nu zijn we er geestelijk en lichamelijk klaar voor.

Dag: 1

Vertrek: Zaterdag, 5 augustus 2000

Afstand: 99,48 km Gem. 14,16 km/uur

Tijdsduur: 9.00 19.00 uur / Fietstijd 7.01 uur

 

 

GELEEN HIERMOND.

 

Eindelijk is het zaterdag 5 augustus 2000, onze dag van vertrek.

Trees en Bert zijn speciaal van Weert gekomen om met ons mee te fietsen.

Helmut en Maria komen ons uitzwaaien.

Om 9.00 uur gaan wij op pad. Rob fietst ook met ons mee, tot aan de Belgische grens willen ze ons gezelschap houden.De eerste kilometers schieten lekker op, want je hebt voldoende afleiding, Trees die kletst gezellig een eind weg, dus geen tijd om na te denken.

Ik vermoed dat de familie Ronda nog iets van plan is, ze zijn niet bij het vertrek, dus nog maar even afwachten. Beek/Elsloo voorbij gefietst, nog niemand van de familie te zien, hier ga ik toch twijfelen of wij ze wel nog zien.

Voorzichtig aan Rob vragen of hij iets weet, maar die zegt natuurlijk niets!

Vlak voor Mesch (de grens) staan ze er ineens, wel verderop bij het verkeerde kruispunt, we fietsen ze bijna voorbij.

Roepen en gillen, snel het spandoek ontvouwen. "Nog 3" staat er op, voor de insiders heeft het iets met nog te fietsen kilometers te maken (waar geen einde aan kwam). Hier betekent het nog maar 3 landen, wat een troost.

In Mesch willen wij nog gezellig met de hele familie koffie drinken. Helaas alle cafés zijn gesloten.

Jammer we moeten nu afscheid nemen, samen huilen met Hanny en van de rest allemaal een dikke knuffel. Ze zwaaien ons allemaal na met een witte servet, zeker via Marjo van t ziekenhuis. (Dit blijkt niet te kloppen, ze zijn van opa, maar wel uit t ziekenhuis).

Trees, Bert en Rob fietsen nu ook terug naar huis.

Nu beginnen we eigenlijk aan onze trip, wij met zijn tweetjes. Het is zo stil, zonder de familie, maar het went snel, direct na de grens met België (s-Gravenvoeren) besluiten we de eerste koffiepauze te maken.

Meteen na de eerste pauze onze eerste keer (en zeker niet laatste) "verkeerd rijden". Even kijken, kaartlezen, vragen en we zijn weer op juiste koers.

Onderweg denken we nog aan het getal "3", heeft t soms nog meer te betekenen? In iedergeval komen wij een colonne van "lelijke eendjes" 3 maal tegen. Misschien brengt t wel geluk.

Het fietsen gaat goed, de bergen (heuvels) zijn vrij pittig. Bij Vieux Limbourgh moet ik van mijn fiets, dit is beslist geen schande want volgens Clemens (schrijver van t routeboekje) komen we de gehele route geen zwaardere berg tegen. Wat moet dat worden als we de Pyreneeën nog over moeten.

We fietsen meer kilometers dan dat we ons voorgenomen hebben, maar alles gaat goed en soepel. De tijd en kilometers vliegen om / voorbij. Wel uiteraard met de nodige terrasjes.

Om 19.00 uur komen we op de camping, deze ligt aan een riviertje. De tent dichtbij t water opgezet. Nu eerst even lekker douchen. Dit valt tegen, de kwaliteit van het sanitair is zeer slecht, maar we moeten niet zeuren we kunnen ons wassen. Cor laat de sleutel van de fiets in de douche hangen. (we hangen de sleutel altijd om onze nek). Gelukkig heeft niemand de sleutel meegenomen en ligt hij er nog.

De beek maakt s nachts zon lawaai, dat t lijkt of hij onder de tent door stroomt.

De prijs van de camping is ook hoog.

De hoogste top vandaag in de Ardennen valt nog mee, volgens Cor, want de Pyreneeën zijn 3 maal zo hoog.

Dag: 2

Zondag, 6 augustus 2000

Afstand: 78,01 km Gem.14,15 km/uur

Tijdsduur: 10.00 17.45 uur / Fietstijd: 5.30 uur

 

 

HIERMOND BASTOGNE.

 

Onze eerste nacht zijn wij goed doorgekomen en ondanks het stromende water toch goed geslapen.

Broodje op de camping gekocht. Lekker gegeten met een overheerlijke, door Cor zelf gemaakte kop koffie (op zijn MSR-brander).

We beginnen heel rustig aan, het gaat ook meteen heel langzaam bergop lekker in de bossen. We voelen toch een beetje de beenspieren, na de inspanning van gisteren.

Het is goed dat we op de camping brood besteld hebben, want we komen geen enkele winkel tegen. Winkels die er wel zijn, zijn gesloten omdat t zondag is.

Onderweg regelmatig stoppen om te genieten van een lekker bakkie Belgische koffie, Cor drinkt uiteraard thee of cappuccino.

Het volgen van de route via t boekje gaat vrij goed, gisteren slechts een maal verkeerd gefietst, vandaag gaat het met overleg nog steeds de goede kant op, richting het zuiden, de zon tegemoet.

Onderweg is heel veel bedrijvigheid, overal tentenkampen van de jeugd of scouting en ook diverse dorpsfeesten.

Op de wegen is het vrij rustig en de natuur vinden wij prachtig en bovenal het weer zit ook mee, dus wat willen wij nog meer.

Ons einddoel voor vandaag is Neffe, een klein plaatsje vóór Bastogne, hier willen wij op de natuurcamping (voor alle duidelijkheid geen naaktcamping) een plaatsje voor onze tent zoeken, helaas zijn hier ook festiviteiten en is er geen plaats meer voor ons op de camping (ook niet voor pelgrimgangers). Wij moeten nu doorfietsen tot voorbij t centrum van Bastogne, hier ligt een mooie camping (niet duur). Het tentje wordt opgezet en hierna lekker douchen.

Omdat het zondag is gaan wij in de stad eten. We vinden een Amerikaans restaurant, fietsen aan de overkant in ons zicht geparkeerd. Hier hebben wij heerlijk gegeten. Onze magen zijn goed gevuld, hier kunnen we zeker 3 dagen op fietsen. Wat hebben wij toch met t getal 3?

Nog geen stempel vandaag voor in onze pelgrimspassen, hier moeten wij morgen als eerste voor op pad gaan.

Dag: 3

Maandag, 7 augustus 2000

Afstand: 66,50 km Gem.14,30 km/uur

Tijdsduur: 11.00 17.00 uur / Fietstijd: 4.38 uur

 

 

BASTOGNE Abdy ORVAL..

 

Vannacht veel last gehad van de autoweg, die in de buurt van de camping ligt, maar wij zijn toch goed uitgerust om aan onze 3e dag te beginnen.

Eerst fietsen we terug naar t zeer drukke centrum, waar de kerk ligt, kijken of ik hier een stempel kan krijgen. De kerk is gesloten en er is verder niemand te zien, even rondgelopen om te kijken of de pastorie in de buurt ligt, maar deze ook niet gevonden, dan maar verder fietsen en kijken of we onderweg een stempel kunnen krijgen. Ondertussen is het al 11 uur voordat we weer echt op de route zitten, maar ja dit krijg je als je het s morgens rustig aan doet. Toevallig fietsen wij langs het Hotel de Ville (=gemeentehuis), hier dan maar onze stempel gehaald, want we willen proberen om iedere dag een stempel, tampon (Frans) of sellos (Spaans) te verkrijgen.

Het gaat weer berg op en af, Cor vindt dat we steeds de "Adsteeg" op en af fietsen en dit kilometers lang. Het kost best veel inspanning en zweet.

Vandaag willen we tot Abdy dOrval fietsen. Dit is bijna op de grens met Frankrijk en dus wel een mooie plaats om te overnachten. Helaas is hier geen camping, misschien kunnen wij wel bij de paters in het klooster slapen.

Het weer werkt niet mee vandaag. Rond de middag gaat het regenen, onze regenpakken gaan aan en deze doen wij ook niet meer uit. Jammer van t weer want de natuur is prachtig hier. Onderweg zien we verschillende monumenten van de eerste en ook de tweede wereldoorlog. Hier moet je toch even bij stil blijven staan, wetende dat in deze streek toch veel strijd geleverd is en er veel jonge mensen gesneuveld zijn.

De hele dag heb ik nog geen koffie gehad, alle cafeetjes, die er volgens de beschrijving in het boekje toch moeten zijn, vinden wij niet of ze zijn gesloten. Heel vaak staat er wel "Jupiler" op de gevel, maar dit wil verder niets zeggen, het is dan een gewoon woonhuis of het is een bouwval. Onderweg ook helemaal geen winkels gezien, gelukkig hebben wij in Bastogne inkopen gedaan.

Het blijft maar regenen ook als wij in Orval aankomen, dit na een geweldige lange afdaling door de bossen.

Cor gaat meteen testen hoe gastvrij de paters zijn en vraagt waar wij kunnen slapen. Vriendelijk zijn ze in ieder geval niet, hij wordt afgesnauwd, dat er geen kamers zijn, dan maar zelf op zoek naar een hotel.

Gelukkig vinden wij snel een hotel en er zijn ook nog kamers vrij. Allereerst alle natte kleren uit en te drogen hangen en dan genieten van een heerlijk warm bad.

Vandaag ben ik een beetje gespannen, waardoor dit komt weet ik niet, misschien wel bang voor het onbekende en of wij wel altijd een slaapplaats zullen vinden en of ik geen problemen krijg met het fietsen. Tot nu toe gaat het goed, maar die bergen blijven komen en iedere keer maar weer naar boven fietsen, wat toch pijn doet.

Het is wel een prettig gevoel dat ik heel snel hersteld ben. Goed eten en drinken onderweg is ook geen probleem, dit gaat goed, eigenlijk hoef ik me nergens zorgen om te maken en dat moet ik dan ook maar niet meer doen. Dus gewoon genieten van alles wat we zien en meemaken onderweg.

In het hotel weer heerlijk gegeten en uiteraard met een fles wijn, onze eerste van ?

Achteraf zijn we blij dat we in het hotel zitten, want het blijft regenenen, dus morgen geen natte tent inpakken.

Met opa en Rob gebeld en verteld dat het met ons goed gaat en dat we morgen in Frankrijk zijn. Nog even vermelden ons kamernummer is 9 dus 3x3. Als dat geen toeval is!!!

Dag: 4

Dinsdag, 8 augustus 2000

Afstand: 75,66 km Gem.14,69 km/uur

Tijdsduur: 10.00 17.30 uur / Fietstijd: 5.39 uur

 

ORVAL VARENNES en ARGONNE.

 

Na een goede nachtrust om 7.30 uur opgestaan, alles weer ingepakt. Het onbijt was goed verzorgd, alleen de koffie was heel erg sterk .

We bezoeken eerst nog de Abdij, want hier wil ik tocht graag een stempel van hebben. We zijn wat aan de vroege kant n.l. 9.00 uur en de abdij gaat pas om 9.30 uur open. Een pater is hier de boel aan t schoonmaken, toch maar een stempel gevraagd, deze krijgen wij dan ook, maar om nu te zeggen dat ze zo gastvrij zijn (zoals in het boekje staat) kan ik niet zeggen. Misschien komen er wel te veel pelgrims langs en het is ook vrij toeristisch, want gisteren was het ondanks t slechte weer, heel druk. We kopen nog een lekker stuk kaas en gaan terug naar het hotel waar we de tassen op de fiets doen en weer verder gaan met onze route. Het is wel mistig weer, jammer voor het uitzicht, maar later op de dag klaart het gelukkig iets op.

Vandaag weer een hele mooie afwisselende route. De bergen vallen ook mee, of ik raak nu al gewend aan het bergop fietsen.

Weer geen koffie onderweg, alle cafeetjes zijn gesloten. Gelukkig rond 12 uur toch nog een restaurant/hotelletje gevonden.

Het is heel druk, volgens mij zit hier het hele dorp te eten, eigenlijk hebben ze geen tijd om voor ons koffie en thee te maken, maar de patron ziet dat wij wel toe zijn aan een lekker bakje leut en krijgen toch onze koffie en thee voor maar 12 franc (= 4,00). Als dank hebben wij maar een bezoek gebracht aan de kerk die aan de overkant van t hotel ligt.

We fietsen nu door een streek waarin de oorlog heel veel strijd geleverd is. Hier bevindt zich ook de grootste Amerikaanse begraafplaats van de tweede wereld oorlog, er zijn ook diverse Duitse begraafplaatsen.

In Dun sur Meuse nog met een Nederlands echtpaar (ook in het bezit van Koga fietsen) gepraat. Ze fietsen de weg terug en zij zijn in de Pyreneeën gestart. Voor ons is het leuk om ervaringen uit te wisselen. Zij hebben wel heel veel vertrouwen in de mensen, want ze sluiten hun fietsen nooit af, met bepakking nemen ze die toch niet mee!

Nou Cor en ik durven dit niet en we sluiten onze fietsen altijd goed af.

We kunnen hier ook voor het eerst boodschappen doen, onderweg zijn we nog geen winkels tegengekomen. De meeste dorpjes waren verlaten "Tote Hose" dorpjes.

Ondanks een flinke regenbui is het verder aangenaam fietsweer.

We passeren kleine leuke dorpje de naambordjes zijn versierd met bloemen, dit ziet er heel fleurig uit.

We hebben een mooie camping municipal (= gemeente) gevonden, niet duur en goed sanitair. Het douchen was zeer aangenaam, al het luie zweet weer van ons af gewassen.

s Avonds lekker eten gekookt, begint het te regenen, snel onder de luifel, dit is maar behelpen de ruimte is heel klein, gelukkig is de bui snel over. Op tijd in de slaapzakken gekropen en dan lekker in ons tentje slapen.

Na 2 nachten slapen in ons tentje met aanelkaar geritste slaapzakken, hebben we besloten, in goed overleg, om toch maar ieder in zijn eigen zak te gaan liggen. Dit geeft gewoon meer bewegingsvrijheid.

De afwijking van de km afstand met t boekje is 3 km!!!!

Dag: 5

Woensdag, 9 augustus 2000

Afstand: 75,32 km Gem. 14,89 km/uur

Tijdsduur: 10.00 17.30 uur / Fietstijd: 5.12 uur

 

VARENNES en ARAGONNES CHÂLONS sûr MARNE.

 

Vroeger is hier Louis de XVI met zijn Antoinette gehuisvest geweest, voordat hij in Parijs onthoofd werd.

Vandaag rustig aan, want we hebben niet zo veel kilometers voor de boeg. Ons doel is Châlons sûr Marne.

De tent vochtig ingepakt want door de mist is alles nat.

Eerst boodschappen doen, op de markt lekker vers fruit gekocht en bij de boulangerie een pain complet en gebakjes voor onderweg.

We willen ook nog de kerk bezoeken maar helaas is deze dicht.

We gaan maar op zoek naar het Hotel de Ville voor onze stempel. Hier word ik door de burgemeester himself geholpen, hij staat buiten en vraagt mij vriendelijk naar binnen. Hij is heel geïnteresseerd en vraagt naar met wat wij bezig zijn, hierna gaat hij het heel uitgebreid aan t baliepersoneel uitleggen en vol bewondering zegt hij hoeveel kilometers wij ongeveer per dag afleggen. Wij zijn dan nog niet eens een week onderweg en er komen nog zo veel kilometers.

Ik krijg hier wel een mooie stempel.

Eindelijk op weg denken wij. Mis! Na ongeveer 200 mtr. worden wij staande gehouden door een Duits echtpaar. Ze willen graag weten hoe wij alles hebben voorbereid en hoe onze fietsen en vooral het zadel ons bevalt.

Ze willen volgend jaar ook graag op fietsvakantie gaan, dus nemen wij ons de tijd om rustig een babbeltje te maken, want wij willen toch onthaasten.

Eerste stuk door een geweldig bos "Four de Paris", hier werden in de Eerste Wereldoorlog complete legers klaargezet op de wegen om uit te rukken. Vanuit de lucht waren ze toch niet waar te nemen en het gebied was ontzettend groot.

Onderweg weer geen koffie, jammer, maar het zij zo! We fietsen na de bossen door een mooie streek veel uitgestrekte velden met maïs en koren, zo ver als je maar kunt kijken.

Kerk bezocht in St. Memmie op zoek naar een beeld van St. Jacob, helaas niet gevonden.

In het volgende dorp LEpinne bevindt zich een hele mooie grote kerk de Notre Dame. Eindelijk krijg ik hier ook een kopje koffie. Het kopje koffie is heel prijzig, we zitten ook op t terras van een heel duur hotel. Hier ga ik meteen maar even lekker poepen, ja want dat moet toch ook gebeuren. Wat een overdaad aan luxe op het toilet, vandaar de hoge prijzen.

In Châlons meteen bij de Cathedraal een stempel gehaald, anders moeten wij morgen hier weer voor terug, ook nog wat boodschappen ingeslagen en dan richting camping, deze ligt buiten de stad.

Mooie camping municipal 3 !!! sterren, brood besteld voor morgenvroeg en nu weer de tent opzetten. Het zonnetje schijnt heerlijk, dus ook maar de was verzorgd. Deze hangt lekker in de zon te drogen.

We besluiten om bij het "openluchtrestaurant" van de camping te gaan eten. Geweldig om te zien hoe het hier aan toe gaat. Het schijnt gewoon te zijn om hier de frietjes met je vingers te eten. De pot mayo en mosterd staat op tafel, gewoon met je eigen vork opscheppen. De steak met frieten en de salade smaken goed zelfs de fles Bordeaux is te drinken, je moet hem wel zelf open maken.

Twee Engelse "vrienden" hebben ook eten besteld, duurt wel wat lang, want de patron moet nog nieuwe tomaten gaan halen voor de salade, hier kunnen ze niet op wachten ze gaan maar hun eigen tomaten halen bij hun camper, ze nemen ook nog de aardappelen mee die ze nog over hebben (ze vertrekken morgen) en geven die af.

Bij de receptie komt nog een huilend jongentje met een hevig bloedende hoofdwond. De ziekenauto komt aangereden met loeiende sirene, 3!!! broeders springen eruit om de jongen te verzorgen, maar gelukkig valt het achteraf nog mee.

Na het eten nog even met de Engelsen gepraat, ze hebben aan een of andere tourtocht met de fiets hier in Frankrijk meegedaan.

Ik moet nu gaan slapen, want Cor ligt al in de tent en ik wil er gezellig bij gaan liggen, in mijn eigen slaapzak.

Dag: 6

Donderdag, 10 augustus 2000

Afstand: 102,38 km Gem. 15,46 km/uur

Tijdsduur: 9.30 18.15 uur / Fietstijd: 6.37 uur

 

 

CHÂLONS sur MARNE TROYES.

 

Wij staan (voor ons doen) op tijd op, maar het weer werkt niet mee. De tent is helemaal nat van de dauw. Wij kunnen dus niet snel inpakken en moeten de tent iets laten aandrogen.

De was is ook nog helemaal nat, gelukkig hebben ze op deze camping een wasdroger, hier snel de was ingedaan nadat ik van onze Engelse vriend een 2 fr. stuk gekregen heb, want anders werkt de machine niet.

Lekker ontbijt met croissantjes en de kaas uit de Abdij van Orval smaakt nog steeds goed, heel lekker zelfs!

Na het eten de tent maar nat ingepakt en dan op weg.

We willen vandaag tot Troyes fietsen, dit is meer dan 100 km, dus de eerste uren flink doorfietsen. En wat wij graag willen, de zon gaat schijnen, en hoe, het wordt tegen de 30 graden, maar met een lekker windje laat het zich goed fietsen.

Vanaf Chalon is nog duidelijk de ravage te zien die de storm afgelopen winter hier heeft aangericht.

We fietsen door hele bossen waar de dennen geen toppen meer hebben of nog erger hele bomen weggevaagd.

De stroompalen liggen hier ook nog steeds om en hebben zij een provisorische verbinding gemaakt van de stroomkabels allemaal heel primitief, dat de mensen dan ook stroom hebben verbaasd ons zeer.

Daken van huizen en kerken zijn weg gewaaid, het ziet er allemaal heel armoedig uit, en bovendien zijn hier de gebouwen toch niet zo goed onderhouden, de huizen lijken meer op een onbewoonbaarverklaarde woning, desondanks wonen er nog mensen in.

Rond de middag zijn we in Dommartin-Lettrée, hier fietsen we bijna langs het café van de oude madam waar Clemens over schrijft in zijn boekje. Cor ziet het in zijn spiegeltje, en dus zijn we omgedraaid en worden heel gastvrij door madam ontvangen. Ik krijg een lekker kopje koffie, helaas heeft ze geen thee dus voor Cor maar een colaatje.

Hier lijkt het echt of de tijd stil heeft gestaan, en ze hebben ook veel last van de storm gehad.

Ze zijn (madam en haar zoon?) heel blij dat ze weer pelgrimgangers zien, ze vertelt ook over Clemens en laat ons zelfs een brief van hem zien, zo ook post die ze van andere bezoekers heeft ontvangen. Madam is volgens mij nu 83 jaar, hopelijk blijft ze nog een aantaljaren zo fit en vieve, want als pelgrimganger moet je hier even stoppen en een praatje maken met deze heel vriendelijke oma.

De zon gaat steeds feller schijnen, ze brandt op onze huid, deze wordt dan ook goed ingesmeerd. We fietsen over open vlaktes met wind tegen en bijna nergens beschutting. (We wilden toch zo graag zonneschijn).

Het is overal echt uitgestorven een enkel dorpje waar nog iets van bedrijvigheid is.

Overal komen we ook beelden van Jeanne D'Arc tegen, zij heeft in deze buurt tegen de Engelse bezetters gevochten.

Vlak voor Troyes bij Montsuzain ligt een oude mooi gerestaureerde openbare wasplaats aan een beekje, en hier maken we dankbaar gebruik van om ons heerlijk te verfrissen. Het water is helder en lekker koel. Ons eigen vochtpeil wordt ook weer goed aangevuld en nu even nog op de tanden bijten voor de laatste 20 km, de afstand gaat nu wel tellen.

In Troyes de camping heel snel gevonden. Tent opzetten wordt routinewerk, hierna lekker douchen en dan als beloning uit eten!

s Avonds nog met Opa gebeld.

Dag: 7

Vrijdag, 11 augustus 2000

Afstand: 70,93 km Gem. 14,93 km/uur

Tijdsduur: 11.30 18.00 uur / Fietstijd: 4.45 uur

 

 

TROYES LIGNY LE CHÂTEL.

 

Weer lekker geslapen, mooie rustige camping.

Het is leuk om te zien hoe de camping s avonds vol raakt en s morgens maakt iedereen zich weer klaar om te vertrekken.

Wij doen het langzaam vandaag, eigenlijk iets te langzaam. Maar om 10.15 uur vertrekken we toch op de camping.

Eerst nog boodschappen doen, lang wachten bij de kassa, eigenlijk moet ik mij hier niet druk om maken, want wij zijn ons aan t onthaasten, maar toch wil ik weer snel op weg zijn.

We gaan ook nog de stad zelf bezichtigen en hier wil ik ook graag een stempel hebben.

In de kathedraal in St. Pierre komt een Fransman naar ons toe en vraagt ons of wij op weg zijn naar Santiago, dit bevestigen wij en dan verteld hij ons dat hij in Troyes woont en 1989 gelopen heeft vanaf St. Jean Pied de Port. Hij wenst ons nog een goede pelgrimage toe. Dit zijn leuke ontmoetingen.

Helaas krijg ik in de kerk geen stempel, maar wel bij de VVV tegenover de kerk.

Om ongeveer 12 uur zijn wij dan eindelijk de stad helemaal uit en hebben wij weer rustige landelijke weggetjes.

Het wordt steeds warmer, normaal kan ik wel goed tegen de zon, maar nu is het me een beetje te veel van het goede. We drinken heel veel, dit heb je ook nodig en moet je niet vergeten.

Af en toe een zuchtje wind is heel welkom.

De streek waar wij nu doorfietsen is iets meer bevolkt, maar de cafeetjes zijn altijd nog dun bezaaid, en als ze er wel zijn, dan hebben ze de hele maand augustus vakantie.

Wij waren van plan om door te fietsen tot Auxerres, maar 20 km van tevoren in t plaatsje Ligny le Châtel toch maar op zoek naar de camping. Het is een groter dorp met voldoende winkels, dus hier kunnen wij morgen ook boodschappen doen.

Vlak bij de camping staat een kermis, omdat ik bang ben voor geluidsoverlast, vraag ik op de receptie, tot hoe laat de kermis open is. Het antwoord is niet geruststellend. Het feest zou duren tot 2 uur in de nacht. We besluiten om toch maar te blijven en ons tentje maar op te zetten, want als je moe bent slaap je waarschijnlijk toch wel.

Vandaag hebben wij weer goed ons best gedaan, dus mogen wij weer gaan uit eten.

Er is een leuk restaurant, de eigenaresse heeft ook nog een thee-salon c.q. winkel waar ze de pelgrimgangers ontvangt en die er dan diverse lekkernijen kunnen proeven en kopen, want de inwendige mens moet goed verzorgd worden.

Ze heeft veel belangstelling voor ons en weet ook dat onze volgende stopplaats Vézelay is.

Nu is het toch maar goed dat wij een beetje Frans praten, dan kunnen we ook nog leuke gesprekken voeren met de mensen. O, ja tussen haakjes het eten was uitstekend!

Volgens mij ben ik nu al kilos aangekomen, want wij doen niets anders dan fietsen eten - fietsen eten en dan maar weer eten en fietsen en natuurlijk slapen.

Dag: 8

Zaterdag, 12 augustus 2000

Afstand: 85,01 km Gem. 14,53 km/uur

Tijdsduur: 9.30 17.30 uur / Fietstijd: 5.50 uur

 

 

LIGNY LE CHÂTEL VĖZELAY.

 

Op tijd opgestaan, ondanks het kermislawaai toch goed geslapen, de muziek was om 12 uur afgelopen dit viel dus achteraf allemaal nog mee.

Vandaag gaat de trip tot Vézelay. Dit is een zeer belangrijke plaats op de pelgrimsroute. Het zijn niet te veel kilometers. Gewoon wat wij gemiddeld willen fietsen, maar je weet maar nooit wat je onderweg tegenkomt.

Wij beginnen al met een klim. In het dorp nog langs een mooie oude wasplaats gefietst en dan gaat het richting Auxerre.

Van verre zien wij al de Cathedraal St. Etienne van Auxerre liggen, deze willen wij gaan bezoeken. Bij de pastorie naast de Cathedraal heb ik eerst een stempel gevraagd, daarna gaan we de kerk binnen een heel imposant bouwwerk.

Buitengekomen staat een gezin man, vrouw twee zonen bij onze fietsen. Het zijn Nederlanders en zijn ook op de fiets. Ze hebben 4 weken vakantie en willen tot Vezelay fietsen en dan weer richting Utrecht. Totaal hebben ze dan 800 km gefietst. Dit vind ik heel knap met twee kinderen, waarvan de oudste nu naar het vervolgonderwijs gaat, dus zal hij ongeveer 13 jaar zijn en de andere was denk ik een jaar of 2 jonger.

Alhoewel ik sta te popelen om weer verder te fietsen, nemen we ons toch de tijd om met deze familie te praten, want wij moeten er nog steeds aan wennen om ons overal de tijd voor te nemen en vooral om te onthaasten.

Het is weer warm vandaag maar we blijven een hele tijd langs de rivier de Yonne fietsen en daarna langs het Canal du Nivernais. Het jaagpad is niet in al te beste conditie maar het is toch aangenaam om te fietsen.

Bij een supermarkt onderweg willen we nog boodschappen doen, helaas is deze juist gesloten. Hier op het stoepje zit een jong stel die afgelopen nacht ook bij ons op de camping hebben gestaan. Even een praatje maken, het zijn ook Nederlanders en afgelopen Zaterdag vanuit Maastricht vertrokken en ze fietsen ook Langs Oude Wegen. Dus al een hele week samen onderweg en nu komen wij elkaar voor t eerst tegen.

Jammer nog geen boodschappen, maar wij gaan verder.

Het fietsen op zich gaat best goed, gisteren had ik last van mijn rechterknie, vandaag trap ik bewust met een kleiner verzet en gelukkig heb ik verder nergens meer last van.

Plotseling stuiten wij op een wegversperring, onvoorstelbaar want hier is bijna geen verkeer. We worden toch tegen gehouden maar nadat ik verteld heb dat wij onderweg zijn naar Santiago en eigenlijk geen kilometers willen omfietsen, mogen wij door.

Wij ontdekken nu ook wat er te doen is. Allereerst fietsen wij langs geweldige en imposante rotsen. Hier is dan een of ander groot feest. "Une Grande Spectacle" en "Dancer Vertical". Overal hangen diverse touwen tegen de wanden en er staan grote schijnwerpers op de rotsen gericht zelfs is er een grote tent met orkest. Ze verwachten veel bezoekers, want hele grote weilanden zijn ingericht als parkeerplaats.

 

Dus Adèle, hier kan mooi geklommen worden en het is nog geen 600 km van ons vandaan en na t klimmen kun je zo in het water duiken.

Rustig fietsen we verder en op een mooi plaatsje langs het water in de schaduw gaan wij lekker picknicken, het eten onderweg smaakt altijd goed.

Na een aantal kilometers gaan wij eindelijk ook weer eens een kopje koffie drinken, Cor heeft het al 3 keer gevraagd, maar ik ben zo gewend om onderweg geen koffie te drinken dat ik er niet altijd zin in heb, en het is eigenlijk ook te warm. Maar dan nu toch het terrasje op, vergeet ik ook nog een grande tasse te vragen, krijg ik zon klein kopje. Slechts één slok en op is ie.

Hier ook naar het toilet geweest, moet ik eerst buitenom via de garagepoort naar binnen en daar is dan een deur met toilet op, deze deur laat mij denken aan het oude poephuisje bij mijn oma, maar gelukkig er staat toch een normale wc. pot op.

Weer verder met onze pelgrimstocht. Jammer fietsen we nu niet meer langs het water en dat merk je ook, want is hot, very hot!

Jacobus komt ons nu te hulp, want langs de weg ontdekken wij een waterpomp, aan de handle trekken en er stroomt heerlijk helder en koel water uit.

Een jongeman die zijn bidon vult met water vraagt of wij op weg zijn naar Compostela, natuurlijk zijn wij dat, hij heeft ook gelopen vanuit St. Jean Pied de Port 2 jaar geleden en wenst ons verder Bon courage en Bon Pelgrimage.

Komt nog een oud Frans heertje naar ons toe en vraagt of wij Duits spreken, want hij is geboren in Lotharingen, woont nu in Paris, hij verblijft hier in de zomermaanden. Hij vraagt hoe de ouden van dagen bij ons leven en of ze het financieel kunnen runnen, want hij heeft 1 miljoen Francs per maand, dus ik denk dat hij aardig miljonair is. Hij ziet er zo wel niet naar uit met zn versleten pantoffels aan, waar de dikke teen naar buiten komt.

Wij gaan verder met onze laatste kilometers van vandaag tot aan Vézelay even nog een tussenstop bij een boulangerie voor een lekker gebakje, dat wij ons goed laten smaken.

Eerst nog weer een flinke klim en tijdens de afdaling zijn we in de verte Vézelay liggen, mooi gezicht, dus fotos gemaakt. Dan nu onze laatste enerverende klim tot in Vézelay. Camping gezocht, ligt mooi afgelegen en is lekker rustig.

Omdat het zaterdag is gaan we weer uit eten bij restaurant "Le Coquille" dit is toch wel toepasselijk of niet soms.

We besluiten om morgen een rustdag te houden. Op de camping staat ook het jonge stel van onderweg.

Weer het thuisfront gebeld (Rob en Opa).

 

Dag: 9

Zondag, 13 augustus 2000

 

RUSTDAG VĖZELAY.

 

Het was vannacht minder rustig dan wij gedacht en gehoopt hadden en dat lag niet aan de camping of de omgeving maar aan onze buren, een stel giebelende Franse meiden die de hele nacht bleven lachen en kletsen.

Gelukkig niet zo vroeg op en we kunnen lekker rustig aandoen, want we hebben toch een rustdag.

Wij gaan om 11 uur naar de hoogmis in de Cathedraal. Tijdens de mis ben ik een beetje ontroerd, ik realiseer mij dat ik gelukkig ben, dat ik samen met Cor deze pelgrimstocht mag en kan maken dat maakt mij zeer tevreden. Ik ben dankbaar dat alles tot nu toe goed is gegaan. Er is wel pas een week om, maar tot nu toe kunnen wij tevreden zijn.

Bij terugkomst op de camping hebben wij, stom, stom, stom, onze matjes cq stoeltjes buiten laten staan in de zon en daar kunnen ze niet tegen. Een matje heeft nu een hele dikke bult en ik hoop dat we er tijdens het verloop van onze tocht niet teveel last van hebben.

Vanavond gaat Cor koken!!

Onze buurman knoopt nog een gesprek met ons aan, hij laat mij een boek zien, waar de Franse routes in beschreven staan, vorig jaar hebben wij hetzelfde boek in Oleron gekocht.

Hij wil volgend jaar ook graag naar Santiago gaan te voet en dan starten in Vézelay. Hij is ook lid van het Genootschap misschien komen wij hem nog eens tegen op een vergadering.

Cor heeft een heel slimme oplossing gevonden voor het slaapmatje. Hij rolt het onderste gedeelte (waar de bult zit) op en doet hier spanners om, de rest laat hij vol lopen met lucht. Hij heeft nu een matje en volgens hem slaapt hij er goed op.

Jammergenoeg kunnen wij nu nog maar ėėn stoeltje maken, dus wij loten erom wie op de stoel mag zitten en wie op de vuilniszak.

Het eten dat Cor heeft klaargemaakt smaakt uitstekend, we hebben zalmfilet met nudels en komkommer.

Waar wij ons in Vézelay nog aan ergeren, zijn de bedelaars die bij de kerk staan.

Ze zijn te dik en te lui om rechtop te staan ze leunen tegen de deuren bij de ingangen en houden hun handen op in de hoop dat de mensen hier geld inleggen.

Bij de kerk is een restaurantje, hier bedient een ober, die het snelheidsrecord heeft in het rondbrengen van de bestellingen. Alleen rent hij heel snel op en neer met lege en volle borden, maar de wachttijd wordt er toch niet korter op.

Wij moesten nog lang op onze bestelling wachten en het was heel komisch om te zien hoe hij bijna van de trapjes viel.

 

 

Dag: 10

Maandag, 14 augustus 2000

Afstand: 99,44 km Gem. 15,29 km/uur

Tijdsduur: 8.45 17.30 uur / Fietstijd: 6.30 uur

 

 

VĖZELAY 團 NEVERS.

 

Vanmorgen vroeg uit de veren, want de planning is om tot Nevers te fietsen. Dat zijn ongeveer 100 km.

Het begint al goed met een flinke klim. Na een rustdag valt dat even tegen, mijn beenspieren weten niet meer wat ze moeten doen.

Het is half bewolkt en nog niet zo warm, een goed begin voor vandaag. Het schiet aardig op, ondanks dat wij bergop moeten fietsen.

In Corbigny doen wij boodschappen. Hier zijn ook diverse banken, dus ook maar even wat flappen tappen.

Aan het eind van het dorp is een leuk terras, we gaan een lekker kopje koffie drinken. We schuiven aan bij een jong stel, dat ons onderweg tijdens de klim heeft ingehaald. Ze komen uit Rotterdam en zijn ook zaterdag 5 augustus vertrokken. Ze zijn nu al even ver als ons, maar ze hebben wel geen rustdag genomen. Hun einddoel is Barcelona. Tot hier hebben ze de route langs oude wegen gevolgd vanaf hier fietsen ze een andere route. Vorig jaar hebben ze een gedeelte van de Camino gefietst, ongeveer 250 km. Ze vonden het een hele belevenis, vooral het ontmoeten van verschillende mensen. Na de heerlijke koffie met een hele grote kan melk, die ik ook helemaal opdrink, stappen we weer op de fiets.

Het andere jonge stel van de camping, zien we voor ons fietsen. We besluiten om op de eerste de beste plaats die ons geschikt lijkt te gaan lunchen, hierna zijn ze uit ons zicht verdwenen.

Na de lunch komen wij door Premery, langs een fabriek. Hier word ik niet goed van de stank. Inmiddels is het ook weer heel warm geworden en deze combinatie is niet zo prettig. Hier wil ik zo snel mogelijk weg, dus maar een tandje hoger schakelen en snel doorfietsen.

De rest van de tocht loopt voorspoedig en naderen wij op tijd Nevers. Van ver zien wij de stad al liggen. Weer een klim en op naar ons einddoel voor vandaag.

Het is een hele mooie stad, dit verwachtte ik helemaal niet.

De Cathedraal staat op het hoogste punt en torent zo mooi boven de stad uit.

Snel de camping opzoeken en ons tentje weer neerzetten op een mooi plekje langs de Loire.

Nu is er voor de tweede keer "paniek". We hebben alles klaar liggen om de tent op te zetten, de binnentent staat inmiddels. Zijn de haringen zoek, we zoeken en zoeken! Zeker 15 minuten hebben we gezocht naar die stomme dingen. Alle tassen helemaal uitgepakt uit pure wanhoop, terwijl we weten dat ze daar niet in kunnen zitten, want wij hebben een vaste indeling bij het pakken van de tassen dat werkt tot nu toe perfect. Geen haringen? Dan kunnen we geen tent opzetten!

Cor kijkt mij aan, ik kijk hem aan, het hart gaat sneller kloppen, dus diep zuchten. Wat nu gedaan?

 

Toevallig vinden we de haringen.

Ze liggen onder het tentzeil, wat een geluk. Eigenlijk kunnen ze ook niet weg zijn, maar je gaat toch twijfelen. Hierna kunnen we de tent, met de nodige vertraging verder opzetten.

Omdat het ondanks alles toch nog vroeg is gaan we naar het centrum de kathedraal bezichtigen en naar het klooster van Bernadette.

Jammer alles is inmiddels al gesloten. Het centrum is op dit moment vrij rustig.

Pogingen gedaan om ergens iets te eten. Dat valt niet mee, geen geschikt restaurant te vinden.

Uiteindelijk maar iets in een snackbar besteld, wat ook blijkt tegen te vallen. Gelukkig is het eten niet te duur.

Nog een leuk gesprek gehad met een Nederlands echtpaar, die ook op de camping zijn met een caravan. Ze vragen belangstellend hoeveel kilometers wij per dag fietsen en wat ons einddoel is.

Zelf fietsen ook altijd veel, zeggen ze. We hebben ze nog de tip gegeven om op hun terugweg, Vézelay te bezoeken. Dat is zeker de moeite waard!

Volgens de affiches is in de stad op 15 augustus (morgen) een triatlon. Op de camping staan veel mensen met sportfietsen, waarschijnlijk zijn dit deelnemers aan deze wedstrijd.

 

Dag: 11

Dinsdag, 15 augustus 2000

Afstand: 76,87 km Gem. 15,38 km/uur

Tijdsduur: 10.30 17.45 uur / Fietstijd: 4.59 uur

 

 

NEVERS ST. AMAND-MONTROND.

 

Weer op tijd opgestaan, ondanks dat de camping langs een drukke weg ligt, toch goed geslapen.

Lekker douchen, het bestelde brood ophalen en dan ontbijten met koffie van Cor, die krijg ik trouwens iedere morgen. Wat ik ook nog niet verteld heb is, dat de aansteker van Bert, die hij op het allerlaatste moment voor ons vertrek gebracht heeft, het niet doet!

Gelukkig heb ik ook lucifers ingepakt.

Na het ontbijt hebben we alle tassen zover mogelijk ingepakt, alleen het tentje staat nog. Wij willen eerst graag naar het klooster van Bernadette. Hier allereerst een stempel gevraagd en gekregen. In de kapel is een mis bezig, volgens mij van een Molukse gemeenschap.

Bernadette ligt hier opgebaard. In de kapel krijg ik het even moeilijk ik kan mijn tranen niet bedwingen, te veel gedachten spelen door mijn hoofd. Ik denk aan mijn vader, die een speciale band had met Lourdes. Ook aan Ellen, waar wij te vroeg afscheid van hebben moeten nemen, zij is ook in Lourdes geweest. Natuurlijk ook aan mijn moeder en Cor zijn moeder die helaas ook niet meer in ons midden zijn.

Wij hebben hier speciaal voor Trees en Bert en de kinderen een kaars opgestoken.

Terug op de camping, tentje afgebroken en de tassen op de fietsen gedaan en toch nog vrij vroeg weer op pad.

Vandaag begint de route vlak. Dit schiet snel op. Onderweg nog een mooi aquaduct gezien. De weg blijft tamelijk vlak, alleen veel tegenwind. Dat vind ik niet zo leuk.

Voor de mooie ruïne Laumoy bij Neuilly en Dun wil Cor graag een foto van mij maken. Hij vraagt of ik even op de muur wil klimmen, want dan kan hij een prachtige foto nemen. Eerst aarzel ik, want die muur is toch meer dan 2 meter hoog, maar dankzij de klimlessen van Adèle lukt het mij om deze muur te bedwingen. Nu maar afwachten of de foto werkelijk zon succes is.

We kunnen lekker doorfietsen tot in St. Amand. Hier gaan we op zoek naar de camping municipal en vragen of er voor ons nog een plaatsje vrij is. We krijgen een mooie plek aangewezen.

Willen we op de aangewezen plaats ons tentje gaan opzetten, staat er een auto geparkeerd. Natuurlijk is de eigenaar van de auto niet in de buurt.

Toch maar zo goed en zo kwaad als het gaat de tent opgezet, onder een grote boom. Gelukkig hebben wij niet zoveel ruimte nodig, maar het zijn afgebakende plaatsen. Het is onfatsoenlijk, dat iemand zijn auto hierop parkeert.

Vandaag was het tot nu toe de gemakkelijkste etappe. Eindelijk vrijwel een geheel vlak parcours. Wij gaan weer "buitentents" eten in het dorp. Met uiteraard een fles rode wijn.

Bij terugkomst op de camping is Cor een beetje de richting kwijt, hij fietst heel resoluut rechtdoor. Ik roep nog zachtjes: "Cor rechts af", maar hij hoort het niet. Opeens ziet hij tot zijn schrik dat het tentje weg is, hij kijkt om Sophie ook weg. Gelukkig vindt hij snel de juiste weg naar onze tent. Dus Cor de volgende keer niet meer zo veel wijn drinken !!!

Cor heeft weer last van zijn rug gekregen. Gelukkig gaat het fietsen hem dan nog redelijk goed af. Dat is dan ook het enigste wat lukt. Tillen en bukken zijn taboe.

s Avonds heb ik met Rob gebeld, Esther en Patrick zijn bij hem dus ook nog even met Esther gebabbeld.

Cor heeft nog met opa gebeld, was Hanny daar op bezoek. Hij heeft ook nog even met zijn zus kunnen spreken en haar gefeliciteerd met het bedwingen van de Adsteeg in Beek.

Dag: 12

Woensdag, 16 augustus 2000

Afstand: 112,55 km Gem. 13,90 km/uur

Tijdsduur: 10.30 20.30 uur / Fietstijd: 8.06 uur

 

 

ST. AMAND MONTROND - ST. PLANTAIRE.

 

Na de normale handelingen van opstaan, wassen, ontbijten en inpakken om 9.45 uur de camping weer verlaten.

In de stad is een supermarkt, hier ga ik eerst inkopen doen. Drinken is altijd het belangrijkste. Daarnaast nog wat lekkere dingen gekocht Achteraf eigenlijk te veel, want na 2 km fietsen krijgen wij weer een flinke klim, al het gewicht moet weer mee naar boven. Het blijft stijgen en dalen.

Na een uurtje fietsen zien wij in de verte twee wandelaars, naarmate we dichterbij komen ontdek ik op hun rugzak de Jacobsschelp dus ook pelgrimgangers. We stoppen even en maken een praatje met hen.

Op dit moment zijn ze bezig met de etappe van Vézelay naar Chartre. Zo lopen ze al 4 jaar achterelkaar, ieder jaar een andere etappe. Na elkaar veel succes gewenst te hebben fietsen wij weer verder.

Onderweg bezoeken wij nog de kerk van Chateaumeillant, een mooie kerk gebouwd in rood zandsteen. Hier wil ik graag een stempel hebben, maar het tijdstip is niet gunstig. Het is rond 13.30 uur. Het lijkt wel of t hele dorp uitgestorven is.

Dan maar op het kerkplein onder een boom gaan lunchen. Het eten smaakt weer prima, wij kunnen onderweg goed eten.

Wij vervolgen onze weg nu naar Chartre en gaan de Notre Dame bezichtigen. Aan de organiste in de kerk vragen wij waar we een stempel kunnen krijgen. Zij wijst ons de weg naar de pastorie (dit hadden wij zelf nooit gevonden), hier krijgen wij onze stempel.

Bij het verlaten van de stad zijn wij even de weg kwijt, maar al snel zitten we weer op onze route.

We fietsen door tot Neuvy-St.Sepulcre, onderweg komen we nog langs een mooie burcht.

In Neuvy gaan wij op zoek naar de camping, deze moet op onze route liggen. We fietsen en fietsen, maar geen aanwijzing naar de camping. Ondertussen zijn wij al enkele kilometers voorbij het dorp. Teruggaan willen wij niet, jammer want hier ligt een hele mooie kerk. Deze hebben wij dus gemist.

We zijn innmiddels in het dorpje Cluis, hier hangen wel de vlaggen uit met Jacobsschelpen op. Nu maar weer op zoek naar de camping, na veel rondvragen en zoeken vinden wij 2 kilometer buiten het dorp de "camping".

Het enige dat hier goed is, is het mooi gemaaide gras.

Het sanitairgebouw zit vol met spinnen, kakkerlakken en nog meer van dat kruipend spul. Er is geen warm water en de afvoer is verstopt. Uitgezonderd ons is er niemand aanwezig.

Als je hier wilt overnachten dan moet je op het gemeentehuis melden en betalen.

Waarvoor vraag ik me af?

 

We besluiten om verder te fietsen en dan in het volgende dorp Orsennes, ongeveer 10 kilometer verder een hotelletje te nemen.

Voor het dorp is een wegversperring en jawel hoor, er vindt een groots dorpsfeest plaats.

Het hele hotel zit vol met feestvierders, dan maar weer doorfietsen verder naar St. Plantaire (6 kilometer). Volgens het boekje is hier een camping, winkel, café en hotel. Hier moeten we toch wel iets vinden.

Het hotel hebben we snel gevonden, maar wat schetst onze verbazing: "wegens vakantie de hele maand augustus gesloten".

Nu maar kijken of we een aanwijzing vinden naar de camping, we hebben geen geluk, niets te zien. We vragen aan een voorbijganger of er in de buurt een camping is. Ja hoor, we hebben geluk. De camping ligt bij het meer. We moeten richting "lac" fietsen en dan vinden we vanzelf de camping.

Ondertussen blijft het wel weer flink stijgen en dalen. De afgelegde kilometers lopen aardig op. Uiteindelijk dan toch nog op de camping aangekomen. Wij zijn 5 kilometer van de route moeten afwijken, ook nog met een flinke afdaling. Dit moeten wij morgen weer bergop fietsen.

Op de camping meldt Cor zich bij de receptie. We mogen een plaatsje uitzoeken. Het blijkt een "terrassen camping" te zijn. Ik weiger om nog een berg op te fietsen. Cor zoekt alleen een geschikt plekje, daarna moet ik alsnog in het zadel om naar de plaats te fietsen.

De kilometerteller staat inmiddels op 112 km!!

Het is al laat. We zijn nu in totaal een uur of tien onderweg!

Mag ik een beetje moe zijn?

De tent opzetten gaat vrij snel, we krijgen van onze buurman een hamer. Daarmee zitten de haringen snel in de harde grond. We gaan ons lekker douchen, eten een boterham. Kruipen uitgeput in onze slaapzak en vallen meteen in slaap.

Dag: 13

Donderdag, 17 augustus 2000

Afstand: 61,08 km Gem. 12,83 km/uur

Tijdsduur: 10.30 17.30 uur / Fietstijd: 4.45 uur

 

 

ST. PLANTAIRE (LAC FOUGERES) 繈 BĖNĖVENT L繈ABBAYE.

 

Geslapen als een os.

Voordat we vertrekken, ga ik nog even het vuile goed wassen. Deze hangen we gewoon over onze tassen heen om te drogen. We vertrekken toch nog redelijk op tijd. Bij de uitgang van de camping blijkt dat we gisteren zeker 3 kilometer hebben omgefietst. Ze leiden het verkeer helemaal met een slingerweg naar beneden langs het meer en dan weer terug naar de camping. Dit is bedoeld voor de automobilisten. Dit hebben wij gisteren helemaal niet in de gaten gehad. Hadden wij dat nu maar eerder gezien!!

Allereerst de klim van 2 kilometer, dan zitten wij weer op de originele route. Nou het blijft niet bij deze ene klim. Het gaat constant bergop en bergaf. Naar mijn gevoel meer op dan af. Een hele "aardige" klim, in het boekje vermeld met steil, doemt op na 10 kilometer bij Crozant (mooie streek). De benen zijn nog stijf. Ik ga niet zo soepeltjes naar boven. Het valt tegen, maar ik haal toch de top. We moeten niet zeuren, niemand heeft gezegd dat het gemakkelijk zou gaan. Toch kan ik nog van het mooie uitzicht en de prachtige natuur genieten.

Onderweg komen we nog een groepje (2 mannen en 2 vrouwen) Engelsen tegen. Ze fietsen tot Cahors en gaan dan met de trein terug, naar de plaats waarvandaan ze vertrokken zijn, ergens in Frankrijk.

Na een beklimming bij een vals plat loopt bij Cor de ketting van de fiets. Een paar tellen later kom ik op dezelfde plek aan, gaat bij mij ook de ketting van de fiets. Zo doen wij dus altijd alles samen.

Vlak voor La Souterraine ligt een hele grote Aldi, we besluiten om hier boodschappen te doen.

In de stad zelf gaan we in een mooi park in het centrum onder een boompje in de schaduw zitten, om weer de nodige vitamientjes en krachtvoer naar binnen te werken. Het is hier heerlijk vertoeven, even lekker uitrusten.

Helaas moeten we deze mooie plek weer verlaten en verder met onze route. De eerste meters zijn zwaar, mijn beenspieren werken niet mee, dus heel rustig infietsen met een klein verzet. We besluiten om tot Bėnėvent te fietsen en niet zon lange etappe te maken.

In Bėnėvent LAbbaye fietsen we tot aan de kerk. Hiervoor ligt op de straat een hele grote schelp, met kinderkopjes in het wegdek gelegd, om de pelgrimgangers welkom te heten.

We melden ons bij de dorpsapotheek en vragen om een stempel in onze pelgrimspas. Hier informeer ik ook of er nog plaats is in de gîte. We kunnen blijven slapen. De apotheker loopt met ons mee, naast de kerk ligt het hospice, heel eenvoudig, maar wel heel bijzonder. De opvang van pelgrimgangers heeft hier een duizendjarige traditie. Jammer, wij zijn de enige gasten, nu kunnen we geen ervaringen uitwisselen. Het gastenboek staat vol met interessante verhalen en belevenissen van mensen die eerder ook hier overnacht hebben. Hier merk je dat je met zon heel eenvoudig onderkomen, toch heel veel pelgrimgangers blij mee kunt maken.

Voor ons is het ook weer iets heel anders dan op een camping je tentje opzetten, nu hebben we een bed, dat wel doorzakt, maar toch lekker ligt.

Omdat wij gisteravond bijna niets hebben gegeten (we waren te moe) gaan we nu op zoek naar een eetgelegenheid. Wij vinden een chique restaurant. Voor de afwisseling mag dit ook wel eens. Het eten is voortreffelijk, de wijn smaakt trouwens ook goed. De brandstof is weer goed aangevuld en kunnen we weer een paar bergen verstouwen, want volgens het boekje wordt het morgen weer zwaar.

Dag: 14

Vrijdag, 18 augustus 2000

Afstand: 80,26 km Gem. 13,14 km/uur

Tijdsduur: 10.00 18.15 uur / Fietstijd: 6.06 uur

 

 

BĖNĖVENT-LᙀABBAYE ST. GERMAINE LES BELLES.

 

Lekker rustige nacht gehad. We staan voor ons doen weer op de normale tijd op en Cor gaat heerlijk vers brood halen. Tijdens ons ontbijt begint het te regenen en even later barst het onweer los. We kunnen Jacobus nu toch dankbaar zijn dat we hier in het hospice zitten lekker aan de keukentafel en niet voor ons tentje in het natte gras.

Na een half uurtje stopt het met regenen. We pakken de tassen, bevestigen deze op de fietsen en gaan toch maar op pad, ondanks de dreigende donkere wolken.

Het begint al goed met een paar stevige klimmen. Het fietsen gaat redelijk goed.

Na ongeveer 15 kilometer doen we boodschappen in een gezellige dorpswinkel in Châtelus Le Marcheix. Hier in deze winkel is echt alles te koop. Er is enig toerisme in deze buurt. Het is ook een mooie streek met veel bossen.

Ondertussen klimmen we maar verder. Tot het middaguur mogen we niet klagen, we fietsen soepel de bergen op. Echter hierna krijgen Cor en ik (ook toevallig samen) een inzinking en gaat het klimmen steeds moeilijker. Het lijkt wel of ik pap in de benen heb.

We willen nog doorfietsen tot St. Leonard-de-Noblat (dit ligt op een heuveltop) en dan de middagpauze nemen.

Hier in dit dorp willen wij graag een stempel halen, tevens de kerk bezoeken. Hier spreekt ons een man aan en vraagt of wij pelgrimgangers zijn, dit bevestigen wij.

Hij is getrouwd met een Nederlandse vrouw. Hij wijst ons de pastorie aan, deze ligt aan de overkant van de kerk, maar hij weet niet zeker of de Curie thuis is.

Bij de deur staat op de bel "lang drukken" dat doe ik dan maar. Na enige tijd wordt op de bovenverdieping een raam geopend en de pastoor zegt dat hij naar beneden komt.

We worden gastvrij ontvangen en mogen plaatsnemen aan de grote tafel terwijl hij de stempel haalt. Met ons gebrekkig Frans toch nog een leuk praatje gemaakt. Nadat we hem nog bedankt hebben voor de stempel verlaten wij de pastorie.

Op het kerkplein in de schaduw gaan we nu genieten van onze lunch.

Inmiddels hebben wij ook een goed schema ontwikkeld met eten. s Morgens eerst ontbijt, rond 12 uur een gebakje en/of fruit en rond 14.00 uur de lunch, dan om 17.00 uur weer een tussendoortje en s avonds het diner. Natuurlijk drinken wij onderweg ook veel.

Na de lunch stappen we weer op onze trouwe fietsen, maar we zijn de weg een beetje kwijt. Dan komt ons weer dezelfde man te hulp. Zeer snel hebben we weer de juiste route opgepakt.

De dreigende bewolking is ook helemaal verdwenen, de zon gaat zelfs schijnen en de temperatuur gaat omhoog.

 

 

 

 

Het wordt eentonig maar de weg blijft stijgen en naar mijn gevoel maar heel weinig dalen.

Gelukkig gaat het fietsen ondertussen weer beter bij Cor maar ook bij mij.

Waarschijnlijk hebben we, na t eten weer genoeg "brandstof", of de heuvels zijn niet meer zo steil.

We fietsen nog 30 kilometer verder naar St. Germain-Les Belles. Hier gaan we op zoek naar de camping, deze vinden wij vrij snel, een fijne goed verzorgde camping en tot nu toe de goedkoopste n.l. Frs.Fr. 36. (= 12,00)

Even buiten de camping is een klein restaurantje, hier gaan we eten. De kok maakt voor ons een voortreffelijke steak van zeker 1,5 cm dik. Deze dikte vind je normaal niet in Frankrijk, meestal zijn ze hier flinterdun.

We laten ons het eten en uiteraard ook de wijn lekker smaken. Na afloop bedankt Cor volgens Franse gewoonte de gastvrouw voor het heerlijke eten.

We wandelen terug naar de camping. Helaas de grote poort is dicht, dan maar het kleine zijpoortje proberen. Deze is op slot. Wat nu? Ik maak al aanstalten om over het hek te klimmen, maakt Cor de grote poort gewoon open!

We wandelen normaal naar binnen.

We bellen nog even met het thuisfront. Rob vertelt ons dat Frans onze achterbuurman nog geïnformeerd heeft, hoe het met ons gaat. Toch leuk dat de mensen zo met je meeleven.

Nu maar weer lekker naar bed.

Dag: 15

Zaterdag, 19 augustus 2000

Afstand: 76,13 km Gem. 13,75 km/uur

Tijdsduur: 10.45 18.00 uur / Fietstijd: 5.32 uur

 

 

ST. GERMAIN-LES-BELLES - DONZENAC.

 

Het heeft vannacht flink geregend en geonweerd. Binnen in ons tentje bleef alles gelukkig droog.

We worden wakker gemaakt door de toeter van de bakker, snel opstaan en brood gaan kopen.

Tegenover ons staat een Franse camper met een Nederlands echtpaar dat al 13 jaar in Frankrijk woont. Mevrouw kijkt vol belangstelling hoe Cor op zijn brander water kookt om thee en koffie te zetten.

Gelukkig gaat het met Cor zijn rug iedere dag iets beter, volgens mij komt dat omdat hij nu altijd in het stoeltje mag zitten.

De tent is nog helemaal nat, we proberen zo lang mogelijk te wachten met inpakken, maar uiteindelijk moet toch alles weer op de fiets en gaan we weer op pad. In het dorp kopen weer drinken en eten daarna zitten we weer snel op de juiste route.

Vandaag gaat het alweer bergop en -af, maar we schieten toch aardig op.

Na ongeveer 1 uur fietsen zijn we de weg kwijt, we volgen het juiste wegnummer maar de zon schijnt aan de verkeerde kant, normaal altijd links van ons en nu rechts, dus fietsen we de verkeerde richting op. Aan een madammeke vragen we de weg en ze wijst ons de weg terug. Nu weten we zeker dat we terug moeten fietsen.

Cor fietst eigenlijk liever door, dan dat hij terug moet gaan, maar wij hebben nu helemaal geen aanknopingspunt meer. We moeten terug naar het punt waarvan we zeker weten dat we nog goed zaten.

Hier is een boer op het land aan t werken, bij hem staat een jong meisje met de fiets. We vragen de weg en het meisje is zo vriendelijk om voor ons uit te fietsen, wat maar goed is ook, want anders hadden we weer een verkeerde afslag genomen. Hier staan geen borden met aanwijzingen of plaatsnamen. De belangrijkste aanwijzing is richting Etang Piquette.

Dit stuk is tot nu toe nog het moeilijkst te volgen even later twijfelen we weer of we goed zitten. De volgende aanwijzing is pas na 7 kilometer. Gelukkig blijkt dat we nu wel de goede weg gekozen hebben.

Langzaam aan komen we een beetje op bekend terrein, want in Uzerche en omgeving hebben wij vorig jaar al gefietst in onze vakantie, met Lei en Ans. Rob was toen ook nog meegegaan.

Van Uzerche tot St. Jal is voor ons helemaal bekend. Bij het oude station lunchen we eerst en dan vervolgen wij onze weg over het oude spoorbaantje. Het pad is eigenlijk heel slecht (de route loopt ook anders), maar onze fietsen of beter gezegd onze banden doorstaan het goed.

In St. Jal gaan we op het terras iets drinken, waar we vorig jaar ook met Ans, Lei en Rob gezeten hebben. Cor probeert nog te bellen met Lei en Ans, maar die zijn net gisteren voor hun vakantie met de caravan vertrokken.

We vervolgen onze tocht naar Donzenac. We moeten blijven klimmen tot ongeveer

7 kilometer voor Donzenac, hier krijgen we een geweldige slingerende afdaling door een bosrijk dal.

Onderweg zien we dat de bossen de afgelopen winter veel te lijden hebben gehad van de storm, die hier over het land geraasd heeft. Hele dikke bomen met wortels en al uit de grond gerukt en heel veel kale plekken.

Bij de huizen zie je ook het brandhout hoog opgestapeld, dit hebben ze er tenminste aan overgehouden. Ze kunnen hier jaren lang van stoken.

In de stad zelf bezoeken we eerst de kerk, hiernaast ligt het VVV kantoor. Hier vraag ik een stempel voor onze pelgrimspas. De juffrouw vertelt ons dat er in de Chapelle des Penitents een tentoonstelling is over St. Jacque in de Limosin. We besluiten om deze ook meteen te gaan bezichtigen. Ze belt nog even naar de camping en vraagt of er plaats is voor twee pelgrimgangers met tent en fiets, die onderweg zijn naar Santiago de Compostela. Ze reserveert een plaatsje voor ons.

Wat een service hè!

Na het bezoek aan de Chapelle gaan we op weg naar de camping. Hier zoeken we weer een mooi plekje uit en zetten ons tentje op.

Op de camping hebben we een eenvoudig frietje gegeten en gekoelde frisdrank gedronken.

Daarna nog met opa gebeld om de stand van zaken door te geven.

 

Dag: 16

Zondag, 20 augustus 2000

Afstand: 68,25 km Gem. 12,87 km/uur

Tijdsduur: 10.30 18.15 uur / Fietstijd: 5.17 uur

 

 

DONZENAC - ROCAMADOUR (LHOSPITALET).

 

Vannacht heeft het weer geregend en geonweerd de 3e nacht achterelkaar.

t Grote nadeel hiervan is dat de tent weer door en door nat is en we hem niet droog krijgen. Cor moet dus weer met een natte tent fietsen, wat enkele kilos extra zijn.

Het eerste halfuur is het bewolkt, maar snel klaart t op en hebben we stralend weer. Volgens het boekje Langs Oude Wegen hebben we vandaag weer een moeilijke etappe. We laten het maar over ons heen komen.

Gefietst tot in Brive-La-Gaillarde, dit gaat heel aangenaam, hier gaan we koffie drinken en moeten we ook weer boodschappen doen. Er gaat veel tijd zitten in inkopen doen, maar het is nu eenmaal nodig, anders hebben we niets te eten en drinken.

t Vervolg van de route is zeer zwaar met het hoogtepunt een klim van 7 kilometer naar Turenne. Als toetje nog een hele steile klim van 500 meter in het dorp. Hier gaat echt het licht uit. We besluiten om op een leuk plekje in de schaduw maar eerst te gaan lunchen, het is inmiddels toch al weer 14.00 uur. We hebben ons echt de tijd genomen, ik heb nog geprobeerd om met Adèle te bellen (want die moet nu weer thuis zijn van vakantie). Tevergeefs. Wel een boodschap ingesproken.

Weer met goede moed op de fiets gestapt. Ik moet zeggen het gaat verder best wel goed, ook de volgende klimmetjes kom ik goed overheen.

Onderweg heeft Cor het idee om in Rocamadour een hotelletje te pakken, we zijn per slot van rekening nu halverwege en dat mag gevierd worden.

In lHospitalet bij het bureau van toerisme een kamer in hotel Panorame gereserveerd, van hier uit hebben we een prachtig uitzicht op Rocamadour.

De route van vandaag was qua natuur heel mooi, we hebben bijna altijd door de bossen gefietst en onderweg hoorden we de krekels. We houden een zeer voldaan gevoel over van de rit van vandaag.

We kopen kaarten en gaan de hele familie en vrienden en bekenden van hier uit een kaart sturen. Dit is ook een van de redenen waarom we in het hotel zitten, want kaarten schrijven voor je tentje in het gras gaat niet zo gemakkelijk.

We zitten nu aan, aan het diner, Cor is kaarten aan het schrijven en ik schrijf in mijn dagboek. We hebben lekker eten besteld, dat laten wij ons ondertussen goed smaken. Cor schrijft 1,5 uur kaarten. We bellen nog met Rob, die ons de groeten doet van onze dansvrienden. Leuk om te horen. Ook nog met opa gebeld, die meteen de hele familie belt om door te geven hoe met ons gaat.

 

Dag: 17

Maandag, 21 augustus 2000

Afstand: 74,85 km Gem. 14,27 km/uur

Tijdsduur: 11.30 18.15 uur / Fietstijd: 5.14 uur

 

 

ROCAMADOUR - CAHORS.

 

Hele warme en zwoele nacht geweest. Het koelde maar niet af. Desondanks redelijk geslapen.

Na het Franse ontbijt fietsen we eerst naar Rocamadour, zonder fietstassen, om onze stempel te halen. Naar de kerk gaan we met de liftcabine, dit scheelt wat trappenlopen. Het is nog heel rustig in het dorp, alleen een moeder met zoon gaan op de knieën biddend de trappen op (zoon met kussen) in totaal zijn het 216 treden.

Vorig jaar zijn wij hier ook al geweest, maar nu geeft het toch een heel ander gevoel, wij zijn nu ook echte pelgrimgangers. We bezoeken de kerk en de kapel met de zwarte Madonna en bedanken haar dat we al zo ver, zonder problemen, zijn gekomen.

Nu nog kijken, waar we de stempel kunnen krijgen. Cor ziet een jonge dame met een kassa onder haar arm lopen, hij zegt aan haar moet je het vragen. Wij gaan naar haar toe en vragen om een stempel. Ze neemt ons mee naar een klein kantoortje, legt er nog het gebruik van de stempel "de Sportelle" uit en zet hem dan in ons paspoort.

We gaan weer terug naar ons hotel, doen de tassen op de fietsen en op het moment dat wij willen opstappen begint het gigantisch te regenen en even later barst het onweer los.

We besluiten om maar even te wachten, nu zitten we tenminste nog droog, ondertussen bel ik Adèle op. Fijn om haar stem te horen. Het blijkt dat ze al een week thuis is en zich maar afvraagt waarom ik niet bel. Ik heb me vergist in het tijdstip dat zij weer thuis zou komen van haar vakantie.

Om 11.00 uur besluiten we toch maar om onze regenkleding aan te doen en te vertrekken.

We beginnen aan de afdaling richting Rocamadour vanuit lHospitalet. Cor denkt dat we de verkeerde weg hebben genomen. Omdraaien en weer klimmen, halverwege bedenkt hij zich ineens en zegt dat we toch goed zaten. Dus maar weer afdalen (dit gaat beter dan klimmen).

Voorbij Rocamadour beginnen we weer aan een zeer lange klim. Het was even gestopt met regenen, maar nu valt het weer met bakken uit de lucht. We moeten ook nog bergop. Het blijft maar regenen en het blijft ook stijgen. Dit is niet prettig fietsen, ondertussen ben ik van binnen en buiten drijfnat. Het is best wel jammer dat het zon slecht weer is, nu kunnen we niet van het uitzicht genieten. Op het hoogste punt van de route van vandaag in Labastide-Murat gaan we een broodje eten. Op het toilet doen we droge kleren aan, ik kan mijn t-shirt uitwringen zo nat is het. Weer helemaal droog genieten we hier van onze lunch, de sandwich met koffie en thee smaken uitstekend. We bestellen nogmaals hetzelfde.

Gelukkig klaart het al weer een beetje op en beginnen we aan een afdaling van 20 km. Dit schiet lekker op.

In het dorpje St. Martin de Vers is een straat afgezet voor doorgaand verkeer. We fietsen toch maar door, plotseling bevinden wij ons in buurtfeest op straat. Een rijdende menigte van allemaal vreemdsoortige fietsen, hele oude fietsen, tandems, eenwielers, achteruittrappende fietsen en wiebelende fietsen (met ovale/ronde wielen), onze hybrides passen hier helemaal bij, want we worden ook van alle kanten bekeken en krijgen zelfs applaus.

Bij Vers vervolgt de route over een prachtig weggetje, dat helemaal langs een rotswand loopt. Allereerst moeten we wel even klimmen om er te komen, maar het uitzicht vanaf deze weg is dat dubbel en dwars waard. In de diepte stroomt de Lot en slingert de grote drukke weg erlangs.

Zo fietsen we kilometers lang op hoogte tot in Cahors. Daar aangekomen besluiten we om maar weer een hotel te nemen, zodat alle natte kleren kunnen drogen.

We hebben ook enkele kilometers omgereden, dit i.v.m. de aanleg van de nieuwe autoweg de A20. In de buurt van Seniergues aanwijzing gemist, uiteindelijk toch weer op de D10 uitgekomen.

Terwijl ik in mijn dagboek schrijf, zitten we op een terras en willen graag eten bestellen. Hier kun je Italiaans eten en het is heel druk.

Het duurt een hele tijd voordat ze de bestelling komen opnemen, maar uiteindelijk krijgen we toch te eten en ik moet eerlijk zeggen het smaakt uitstekend. Onze buikjes zijn weer rond, en we hebben weer een goede basis voor morgen.

Bij het uitkleden merk ik dat mijn hangertje, dat ik heb gekregen voor mijn vijftigste verjaardag, zoek is. Het kettinkje hangt los om mijn nek.

Ik doorzoek de hele kamer, niets gevonden. Waarschijnlijk kwijt geraakt bij het omkleden onderweg.

Ans en Lei hebben ons nog gebeld. Zij zijn nu ook op vakantie en ze zitten in de buurt van Carcasson.

Opa ook nog even gebeld.

Ik vind Cahors een vieze gore stad.

Dag: 18

Dinsdag, 22 augustus 2000

Afstand: 81,95 km Gem. 16,05 km/uur

Tijdsduur: 10.30 16.45 uur / Fietstijd: 5.06 uur

 

 

CAHORS AUVILAR.

 

Gisteravond ook nog de natte tent uitgelegd zodat deze kan drogen. Vanmorgen is hij vrijwel helemaal droog. Deze kan weer ingepakt worden en dat scheelt weer iets aan gewicht.

We gaan in het hotel ontbijten, ik heb helemaal niet zon honger. Waarschijnlijk van het eten van gisteravond. Cor krijgt ook niet zo veel op en als echte Hollanders stoppen we de broodjes in onze zakken (niemand keek). Die kunnen we onderweg nog lekker opeten.

Weer eerst naar de kerk gefietst (zonder bagage) om te kijken of we ergens een stempel kunnen krijgen. Het is nog vroeg dus het is overal heel rustig.

In de kerk zie ik twee mannen praten erop af en ik vraag of hij de curie is en of ik een stempel kan krijgen. Hij nodigt ons uit om hem te volgen. We lopen helemaal door het oude klooster heen. Het gaat allemaal zo snel, we komen ogen te kort.

Hier komen normaal nooit toeristen, we bevinden ons in de woonvertrekken van de paters. Op zijn kamer krijgen wij een hele mooie stempel. We moeten de trappen naar beneden gaan en dan door een deur naar buiten.

Staan we helemaal aan de andere kant van de kerk. Snel omlopen en kijken of onze fietsen er nog staan.

Terug naar het hotel. Hier de fietstassen gepakt en afgerekend. Om 10.00 uur zijn we al op pad. We bewonderen nog de Pont Valentree (brug over de Lot), deze is met behulp van de duivel gebouwd. De bouwer redde zijn ziel door de middelste toren niet helemaal af te bouwen en hier op is nu duidelijk een duiveltje zichtbaar. Als we verder willen fietsen komen twee Duitse echtparen op ons af, ze willen ons goede reis wensen. Ze komen uit Erckelenz, dit ligt even over de grens bij Roermond. Diverse malen waren ze al aanwezig op een bijeenkomst van St. Jacob Regio Roermond. Ze hebben al de Camino gewandeld, nu lopen ze ieder jaar een bepaalde route in Frankrijk.

We waren zo blij dat we op tijd weg zijn, is het inmiddels toch al weer laat geworden, we haasten ons maar niet meer en genieten van deze ontmoetingen.

In het begin hebben we enkele klimmetjes, maar dan wordt de route vrij vlak en gaat het verder ook goed vandaag. Prima weer, de zon schijnt en we genieten ervan om samen onderweg te zijn.

We mogen niet klagen de reis vordert voorspoedig. Tot nu toe maar èèn rustdag gehad en we voelen ons lichamelijk en geestelijk uitstekend.

Zelfs de zadelpijn van Cor valt mee. Iedere dag smeert hij zn achterste in met uierzalf en hij is hier heel tevreden over, want als de zalf op is, fietst hij niet meer verder, zegt hij. Gelukkig heeft hij een extra grote pot meegenomen.

Bij Moissac fietsen we langs het kanaal, dit is een grindpad, wat toch tegenvalt om over te fietsen. Maar het is waarschijnlijk beter dan over de drukke weg. Onze fietsen doorstaan het goed.

Na ongeveer 80 kilometer komen we in het dorpje Auvillar.

Cor heeft in onze reisgids en routeboekje Langs Oude Wegen gelezen dat hier een opvang voor pelgrimgangers is. We lopen door het dorp en langs de "Marie", op een affiche staat, dat de pelgrimgangers zich hier moeten melden.

Wij dus meteen naar binnen en vragen of er plaats is. We worden naar de gîte gebracht en krijgen een sleutel.

Het is een geweldige slaapplaats. Het is niet druk en we hebben een kamer voor ons alleen. In de gîte zijn nog enkele pelgrimgangers aanwezig. Een meisje uit Nederland, een Frans echtpaar, een Franse vrouw en twee Duitsers uit Beieren allemaal te voet onderweg.

In het huis is zelfs een wasmachine en wasdroger aanwezig, dus hier heb ik dan ook dankbaar gebruik van gemaakt. Hier moet ik een beetje aan de tukhut (huis in de Ardennen van de NKBV, vanwaaruit men kan gaan wandelen of klimmen) denken. Het is er goed schoon en ook is er een hele mooie badkamer met douche en zelfs een ligbad.

Ondanks de mooie eigen keuken gaan we toch maar uit eten, we zijn de enige gasten in het restaurant, het touristenseizoen is hier al voorbij. Het menu staat op een los schoolbord met krijt geschreven.

Bij "thuiskomst" na het eten om 22.00 uur ligt al iedereen op bed.

Wij gaan ook lekker slapen.

 

 

Dag: 19

Woensdag, 23 augustus 2000

Afstand: 93,14 km Gem. 14,80 km/uur

Tijdsduur: 9.15 18.00 uur / Fietstijd: 6.29 uur

 

 

AUVILLAR LILSE-de-NOÉ.

 

We staan als laatste op (7.30 uur), de meeste zijn al weg en de Duitsers staan op het punt om te vertrekken.

Cor gaat brood halen, ik zet koffie en maak een kop thee.

Vanmorgen heb ik weer niet veel honger en kan dan ook niet veel eten, ik weet dat het niet goed is maar ik krijg echt niets meer op.

Na het ontbijt alles nog een beetje opruimen in de keuken, komt de poetsvrouw al aan. Als echte schoonmaker geeft Cor haar nog een compliment, dat het huis keurig gepoetst en netjes opgeruimd is.

Het is een heel mooi idyllisch dorpje met vanaf de stadsmuur een geweldig uitzicht over de vallei.

Helaas moeten we dit dorpje weer verlaten en vervolgen wij onze weg. In het dorp nog enkele boodschappen gedaan. Voornamelijk bananen en iets om te drinken.

Buiten het dorp moeten we weer flink klimmen. Het gaat moeilijk met mij, de spieren zijn nog niet opgewarmd, maar ik ben toch weer boven gekomen.

Het blijft vandaag weer erg heuvelachtig, met enkele steile klimmen.

Nu komen we ook onderweg voor het eerst pelgrimgangers tegen, allemaal wandelaars. Vooral in de buurt van Lectoure zien we ze met groepjes lopen.

Willen we in Lectour gezellig een terrasje pikken, worden we hier weggestuurd. We kunnen alleen maar iets eten. Zijn we naar de buren gegaan en hebben daar uitgebreid een omelet gegeten, smaakte goed.

Onze route wijkt nu weer af van de pelgrimsroute en helaas komen we nu geen lopers meer tegen. Vandaag fietst Cor veel beter dan ik, hij fietst honderden meters vooruit en steeds maar weer moet hij op mij wachten in de hete zon. Er is weinig schaduw en het is snik- en snikheet. Volgens mij heb ik vandaag niet zon beste dag. Eerlijkheidshalve moet ik wel zeggen dat we veel bergop en bergaf gaan met af en toe toch heel pittig klimmen.

Het laatste stuk van vandaag fietsen we lekker door de bossen en we gaan op zoek naar de camping. Deze weer snel gevonden.

Het is een heel eenvoudige camping, maar het water van de douches is lekker warm.

Er staat nog een klein tentje en naast ons komt nog een camper staat. Dit zijn Franse mensen, ze bieden ons nog iets te drinken aan, lekker koud uit de koelkast. Cor krijgt een pilsje en ik neem een sapje. Deze mensen hebben met hun camper ook een rondrit door Nederland gemaakt. Ze laten hun verslag lezen dat ze tijdens deze tocht geschreven hebben. Wat ik me nog herinner is dat ze de Keukenhof bezocht hebben en uiteraard Amsterdam.

Op een veld naast de camping gaan zigeuners staan, ben ik blij dat we niet alleen zijn. Na een halfuurtje vertrekken deze gelukkig weer. Kan ik tenminste rustig slapen vannacht.

We zijn toch moe van de inspanningen van vandaag en hebben geen fut om uitgebreid te gaan eten, we maken de restjes op die we hebben (fruit, brood, pudding, kaas) en gaan lekker op tijd naar bed.

Dag: 20

Donderdag, 24 augustus 2000

Afstand: 77,05 km Gem. 14,14 km/uur

Tijdsduur: 9.30 17.00 uur / Fietstijd: 5.26 uur

 

 

LILSE-de-NOÉ MORLAÀS.

 

Vannacht niet al te best geslapen, ook al lagen we met ons tentje in de tuin van een voormalig lusthof van Lodewijk XIV. Op de weg die langs de camping loopt, raast de hele nacht het vrachtverkeer voorbij.

Zoals iedere morgen gaat Cor eerst naar de bakker, hij staat om 8.00 uur voor de deur, gaat deze pas om 9.00 uur open. We breken dan maar eerst de tent af en om 9.00 uur haalt hij een lekker vers stokbroodje, verder is er geen winkel in het dorp en moeten we onderweg maar weer boodschappen doen. Na het ontbijt weer alle tassen op de fiets en dan wegwezen. Onze Franse buren slapen nog.

Het is wel allemaal eentonig, maar ik kan er ook niets aan doen die bergen liggen er nu eenmaal en we moeten er overheen. Dus vandaag gaan we weer klimmen.

s Morgens is het bewolkt en zeer broeierig weer.

In Maubourguet zijn we rond het middaguur, hier op het marktplein eten we een heerlijke kop soep en rusten nog even uit want we moeten weer een flinke klim maken. Het is inmiddels ook weer warm geworden, de zon schijnt volop, de thermometer geeft 34 C aan.

Het is niet alleen klimmen, we hebben ook een geweldige afdaling. Hier bereik ik zelfs een topsnelheid van bijna 60 km/uur, Cor gaat zelfs nog sneller naar beneden. Dit is wel heel snel, maar de fiets stuurt nog goed en de remmen werken ook uitstekend. We willen door fietsen tot in Morlaás maar ongeveer 10 kilometer voor het dorp moeten we nog een berg overwinnen (speciaal voor deze berg hebben ze een alternatieve route gemaakt).

Deze berg valt bij mij toch in de buitengewone categorie. Even voor de top moet ik van mijn fiets, gelukkig is er een klein beetje schaduw, ik rust even uit en stap dan weer op mijn fiets. Blijkt het dat ik nog maar een bocht moet fietsen en dan ben ik op de top. Cor ligt links naast de weg in het gras op mij te wachten, toch lief hè.

Ik kan de verleiding niet weerstaan en ga lekker naast hem liggen. Het is wel een goed gevoel om te merken dat we alle twee weer heel snel hersteld zijn.

We stappen weer op ons stalen ros en gaan op zoek naar de camping.

In de verte zien wij ook al de Pyreneeën liggen, ze komen steeds dichterbij.

Aan het eind van het dorp ligt de gezellige camping municipal bij een zwembad.

Op een beschut plaatsje zetten we ons tentje op. Naast de camping ligt een grote supermarkt, hier ga ik inkopen doen en Cor gaat voor kok spelen. Hij maakt een heerlijke maaltijd, zelfs met een lekkere beker wijn, glazen hebben we thuis moeten laten. "Fromage" toe. Terwijl ik mijn verslag schrijf doet Cor de afwas, dat is goed geregeld.

Vanavond nog met Trees en Rob gebeld. Cor heeft nog met zijn vader gebeld. De GSM is toch wel een geweldige uitkomst, je blijft zo met de familie in contact.

Het was een hele hete dag vandaag. De wind kwam vanuit het zuiden en nam Sahara-zand mee. Er is zelfs in Zuid-Frankrijk een windhoos geweest van warme luchtstroom (ik weet niet waar). Dit alles vertelt ons de koster in Oleron St. Marie.

Dag: 21

Vrijdag, 25 augustus 2000

Afstand: 89,80 km Gem. 15,57 km/uur

Tijdsduur: 9.45 18.15 uur / Fietstijd: 5.46 uur

 

 

MORLAÀS MAULĖON-LICHARRE.

 

Het bleef vannacht heel lang warm, met de tent open toch nog goed geslapen.

Cor gaat de dagelijkse boodschappen doen en haalt een ovenvers stokbrood. Hij maakt een lekker kopje koffie voor mij en we eten het broodje op.

We pakken weer alles in, wat ook steeds sneller gaat, daarna zoeken we het vervolg van de juiste route weer op.

Helaas is het zo, we moeten alweer eerst een berg op en zoals gewoonlijk komen we ook hier weer op de top. Daarna kunnen we goed doorfietsen met hier en daar een lichte stijging. Het tempo ligt vrij hoog. Zeker met volle bepakking. Daarna volgt een lang stuk vlakke weg rond Pau, een grote stad in het zuiden van Frankrijk.

Onderweg krijgen we nu ook al aanmoedigingen van de mensen, ze roepen allemaal "Bon Courage". Het is wel zo dat ik meer aanmoedigingen krijg dan Cor, waar heb ik dat toch allemaal aan verdiend ?

De mensen komen ook spontaan hun huizen uit en staan dan te applaudisseren, het is misschien wel raar, maar toch put je hier kracht uit en gaat het fietsen weer iets beter.

We zijn op weg naar Oloron-St. Marie, dit is voor ons weer bekend terrein. Vorig jaar zijn wij hier geweest en hebben ons toen voorgenomen om hier fietsend weer langs te komen en de Cathedrale Ste Marie te bezoeken. Nu staan we dan hier voor de kerk, na bijna 3 weken fietsen vanuit Nederland, dit geeft ons weer een heel dankbaar gevoel. Tot hier zijn we toch maar al mooi gekomen zonder problemen onderweg.

We hebben ook geluk dat we de koster in de kerk aantreffen, krijgen wij een hele mooie stempel in onze "Credencial del Peregrino". Hij legt nog aan een paar dames uit dat wij op pelgrimstocht zijn en dat veel pelgrimgangers langs deze kathedraal komen. Cor mag zelfs op een grote wereld-landkaart een speld prikken op de plaats van waaruit wij vertrokken zijn. Geleen was nog niet gemarkeerd met een speld. Een primeur dus.

Tegenover de kerk op het terras een lekkere koele ice-tea gedronken en dan weer verder naar lHopital-St.Blaise. Hier ligt een mooi kerkje uit de 12e eeuw en vorig jaar zijn wij ook al hier geweest. In deze kerk vraag ik een stempel. Dan steek ik enkele kaarsen op, voor iedereen die in onze gedachten bij ons zijn. We blijven een tijdje in de kerk zitten om tot bezinning te komen. Ik krijg weer een heel warm gevoel van binnen.

We vervolgen de route tot Maulėon, hier willen we de camping opzoeken en dan goed uitrusten voor morgen.

De omgeving komt ons bekend voor, hier hebben we vorig jaar ook al gefietst met zn tweetjes.

Het duurt lang voordat we eindelijk bij de camping aankomen. De ligging is mooi aan een riviertje. De camping ligt ook aan een weg, maar hier hebben we verder geen last van.

We gaan s avonds in het dorp eten in een speciaal Baskisch restaurant. Het smaakt goed en de wijn gaat er ook goed in.

Er dreigt onweer, dus snel terugfietsen naar de camping, net op tijd liggen we in ons tentje en dan barst het onweer los. Het heeft de hele nacht met vlagen geregend en geonweerd.

Dag: 22

Zaterdag, 26 augustus 2000

Afstand: 41,65 km Gem. 13,25 km/uur

Tijdsduur: 10.30 14.30 uur / Fietstijd: 3.08 uur

 

 

MAULEON-LICHARRE ST. JEAN-PIED-de-PORT.

 

We blijven in de tent liggen tot dat het ophoudt met regenen, gelukkig wordt het om 8.30 uur droog.

Cor gaat allereerst op het "accueil" het bestelde brood ophalen, er is niemand aanwezig, dus neemt hij t zo maar mee (is later wel gaan betalen).

Vandaag hebben we weer een geweldige klim voor de boeg van totaal 5 kilometer waarvan 3 kilometer met een stijgingspercentage van 8 %. Het uitzicht op de top moet geweldig zijn dus we laten ons maar verrassen.

Alles maar weer nat ingepakt (heeft Cor weer meer gewicht) en dan op naar de Col dOsquich (eerste echte Pyreneeën-bult).

Onderweg schiet me plotseling te binnen dat ik mijn waslijntje heb laten hangen vanmorgen op de camping op het hekwerk.

Terugfietsen ?? Dat zou zeker makkelijk gelukt zijn, maar weer terug de col op. Nee, dat doe ik maar liever niet. Jammer het was zon handig elastieken lijntje, vrijwel overal tussenin te spannen.

Door het onweer is t gelukkig afgekoeld en we hebben ideaal fietsweer, misschien komt het hierdoor dat t bergopfietsen redelijk goed gaat. Het uitzicht is zoals beloofd prachtig en we kunnen nu heel duidelijk de Pyreneeën zien liggen.

Boven op de top gaan we in een restaurant genieten van een kop koffie en thee en het plaatselijke gebak "Gateau de basque", smaakt heerlijk.

Tijdens de afdaling komen we een Duits paar tegen, ze komen uit tegenovergestelde richting. Halverwege een klim wacht hij op de vrouw, die lopend met de fiets omhoog komt puffen. Zij heeft nog een fiets met terugtraprem en zeven versnellingen, onvoorstelbaar. Hier willen ze helemaal mee naar de westkust fietsen. We wensen ze dan ook echt heel veel succes. Cor zegt dat ze bijna boven zijn, ze moesten eens weten.

Onze dagtrip verloopt verder voorspoedig, alleen krijgen we voor het eerst last van loslopende honden. Hier ben ik vooraf heel bang voor geweest, gelukkig zijn het maar kleintjes en lopen ze ons blaffend na en blaffende honden bijten toch niet? Prettig vind ik het niet, want ondanks dat het bergop gaat, fiets ik ineens veel sneller.

We komen fijn op tijd in St. Jean-Pied-de-Port aan, we lopen door de pelgrimspoort en gaan op weg naar het huis van "des amis de St. Jacque". Hier is het erg druk, er is juist een groep wandelaars aangekomen en deze willen zich inschrijven voor de gîte, we besluiten om buiten te wachten.

Staan we buiten bij onze fietsen, komt er een Duits echtpaar met kinderen aan, ze wijzen de kinderen op onze schelp die op de tassen zit. Ze willen deze zelfs nog aanraken en ze verklaren aan de kinderen dat wij dus echte pelgrimgangers zijn. Als ik antwoord geef schrikken ze een beetje, omdat ik Duits praat.

 

In St. Jean is het ook heel toeristisch en heel druk.

Inmiddels is het niet meer druk en gaan we weer het kantoortje binnen, we krijgen een hele mooie stempel. Ook moeten onze gegevens doorgeven, hier wordt alles keurig opgeschreven en bijgehouden voor de statistieken.

We vragen of er nog plaats is in de gîte, dit gaat eventueel wel, maar dan moeten we wachten tot vanavond 19.00 uur want wandelaars gaan altijd voor en dan zijn we nog niet zeker van een slaapplaats.

We besluiten dan om maar weer een hotel te nemen. Op het kantoortje zijn ze heel behulpzaam bij het zoeken naar een hotel, dit hebben we snel gevonden. Het hotel ligt in het oude gedeelte van het dorp. We kunnen de fietsen in de garage zetten, op onze kamer hangen we de natte kleren op om te drogen en dan gaan we het dorp verkennen en de kerk bezoeken.

Wij doen alvast boodschappen voor morgen, Cor ziet een Koga fiets staan, hij erop af. Twee Nederlandse mannen vertrekken morgenvroeg van hieruit naar Santiago. Cor geeft ze nog enkele tips en wijst hen ook waar ze hun pelgrimspas kunnen krijgen, waarschijnlijk zullen we hen onderweg nog wel tegen komen.

We zoeken nog wat spulletjes bijelkaar, zoals mijn schrift dat inmiddels vol is, enkele fotorolletjes, ons routeboekje en nog wat kleinigheden. Dit gaat in een grote enveloppe en sturen we op naar Opa. Nu zijn we weer een paar grammetjes lichter.

Het is alleen een probleem om de enveloppe goed te frankeren, het postkantoor is gesloten. We kunnen wel postzegels krijgen bij de tabacco, maar hier weten ze ook niet hoeveel er op moet. Heeft Cor het slimme idee om de enveloppe bij de groentewinkel te gaan wegen en nu weten ze wel met hoeveel hij gefrankeerd moet worden.

Ons diner gebruiken we in het hotel, lekker buiten op het terras.

Dag: 23

Zondag, 27 augustus 2000

Afstand: 72,89 km Gem. 13,14 km/uur

Tijdsduur: 9.30 17.00 uur / Fietstijd: 5.30 uur

 

 

ST. JEAN-PIED-de-PORT HUARTE.

 

Gisteravond in het hotel nog met een Nederlands echtpaar Jan en Greet gepraat. Ze gaan nu de Camino (zo noemen ze de route in Spanje) fietsen vanaf Roncevalles (net over de Pyreneeën), dus ze hoeven niet naar boven te fietsen (slap hè). Jan heeft vorig jaar in april ook al met zijn broer de Camino gefietst, toen wèl vanuit St.Jean Pied-de-Port. Ze hadden onderweg heel slecht weer, met zelfs plaatselijk sneeuw. Het was toen een hele lijdensweg!! Het zou leuk zijn als we hen onderweg nog eens tegenkomen, het zal wel niet, want zij hebben een grote voorsprong. We wensen elkaar een "Bon Camino".

s Morgens een Frans ontbijt in het hotel, naast ons zitten drie sportieve Belgische jongemannen, ze vertrekken vanaf hier naar Santiago, ook hen wensen we goede reis.

Cor geeft de fietsen een smeerbeurt, eigenlijk de enige tijdens de reis. Ze zijn nu klaar voor het echte "grote werk". Ondertussen ga ik brood kopen en ik neem ook nog een "Gateaux Basque" mee.

Aan het eind van het dorp twijfelt Cor nog welke weg we moeten hebben, bijna de verkeerde kant op. Gelukkig heb ik goed op de borden gekeken en nemen we op het laatst toch nog de enige juiste weg. Als je hier verkeerd rijdt dan gaat het meteen stijl omhoog en dat is jammer van de inspanning.

We beginnen ook met onze klim over de Pyreneeën en op weg naar Spanje.

We moeten 28 kilometer klimmen en hier zie ik toch wel een beetje tegenop. Ik ben ook erg gespannen. Haal ik dit wel en hoe snel herstel ik weer en hoeveel kilometers kan ik dan nog doorfietsen? Deze gedachten malen maar door mijn hoofd en dan toch proberen om ontspannen te blijven fietsen. Op gezette tijden nemen we een pauze, eten en drinken iets en gaan dan verder. Cor gaat heel soepel naar boven.

In Val Carlos, na 11 km, hier hebben we een klim van 10%, komen we de twee Nederlandse mannen tegen, ze zitten op een bankje uit te puffen, we stoppen even bij ze. Dan vervolgen wij weer onze weg naar boven. Ze fietsen achter ons aan en even later fietsen ze ons voorbij. Waarschijnlijk was deze inspanning toch te groot, want later moeten ze weer afhaken en we zien ze niet meer terug.

Cor fietst weer enkele meters voorop, we zijn bijna bij de top.

Dan zie ik hem niet meer, op het hoogste punt aangekomen zie ik nog steeds geen Cor. Ik kijk om me heen en zie ook nergens de fiets staan, ik voel me heel rot en eenzaam en ik denk waar is hij nou? Dan maar aan de afdaling beginnen, hoor ik ineens mijn naam roepen. Staat me Cor daar, heeft hij zijn fiets weggezet net op het moment dat ik langskom. Gelukkig ben ik nog niet aan de afdaling begonnen, anders moest ik weer terug omhoog klimmen.

Boven op de top is het erg koud 10 C, we doen onze truien aan.

Dit is toch wel weer een mijlpaal en Cor belt met zijn vader, om te vertellen dat we hier op het hoogste punt van de Pyreneeën zitten. Achter ons Frankrijk en voor ons Spanje, een mooie wijdse aanblik.

Uit de wind gaan we picknicken, we hebben nog lekkere koek en het brood smaakt ook goed. Er stoppen ook twee Duitsers, even met hen een praatje maken.

We gaan weer verder met onze tocht, komen nu de twee Nederlanders op de top aan. Deze hebben het duidelijk heel rustig aangedaan.

De afdaling valt tegen, na zon flinke klim en het blijft koud. Ik doe ook nog mijn regenjasje aan. Mijn benen voelen koud aan, ga ik me hier nu weer druk om maken.

In Roncevalles gaan we op een terras koffiedrinken, omdat we nog geen Spaanse pesetas hebben, betaalt Cor met Franse Francs. Krijgt hij allemaal Frans kleingeld terug. Dit is weer extra gewicht wat hij moet meeslepen, helemaal door Spanje heen.

Hier op het terras zitten twee dames uit Gent ook op weg naar Santiago, ze hebben de eerste etappe erop zitten van de zoals zij dat zeggen "30 stapdagen".

We fietsen weer verder en dan krijgen we weer een klim van 2,5 kilometer dit stelt dus eigenlijk niets meer voor na zon lange klim. Maar nog steeds heb ik geen lekker gevoel, het fietsen gaat best goed, volgens mij zit het tussen mijn oren. Ik ben heel onzeker en weet niet hoever ik nog kan fietsen, ik ben bang dat ik me forceer en dat ik dan niet meer vooruit kom.

Op een vals plat halen ons de twee Duitsers in, we klimmen verder en beginnen aan de volgende klim van 4 kilometer. De Duitsers blijven in zicht en ze fietsen eigenlijk niet sneller dan ons. Dit geeft me zelfvertrouwen en fiets ik vrij gemakkelijk deze berg op.

Op de top van deze berg, maken we een praatje met de Duitse heren.

Ze zijn duidelijk teleurgesteld dat ze onderweg zo weinig stempels krijgen. Het blijkt dat ze bijna geen stempels kunnen bemachtigen. Nu laat ik ze even onze passen zien, waar intussen hele mooie exemplaren in staan. Vooral stempels met de Jacobsschelpen vinden ze mooi. Ze hebben ook nog geen schelp op hun fiets, deze willen ze ook nog graag hebben.

Ik krijg zelfs nog een complimentje van de Duitsers, omdat ik zo goed bergop fiets. Vooral voor een vrouw, zeggen ze.

Cor heeft helemaal geen problemen hij gaat gemakkelijk bergop, af en toe stopt hij om mij dichterbij te laten komen en fietst dan samen met mij weer verder.

Onderweg gaan we nog pinnen bij een bank. Hier vergis ik me in al die nullen en pinnen we eigenlijk maar voor 20,00 in plaats van 200,00 in Spaanse pesetas.

In Huarte fietsen we eerst langs de refugio, hier moet ik toch wel even aan wennen, hele grote slaapzalen met stapelbedden dicht bij elkaar en vrij druk. Hier wil ik niet slapen en er is ook geen camping in de buurt. We besluiten dan ook maar op zoek te gaan naar een hotel als beloning voor het bedwingen van de Pyreneeën.

Op onze route komen we langs een hotel "Don Carlos", het is een groot hotel en heel luxe. We besluiten om toch maar hier naar een kamer te vragen en uiteraard ook een stalling voor onze fietsen. Dit is allemaal heel snel geregeld.

Onze kamer heeft een heerlijk ligbad, dus hier maak ik dan ook dankbaar gebruik van en lekker rustig in het bad bedenk ik me dat uiteindelijk, het fietsen me vandaag goed afging en er is helemaal geen moment geweest dat ik niet verder kon fietsen of dat ik moest afstappen. Dit geeft toch we weer moed voor het vervolg van onze tocht.

Ik bel nog even met Adèle, ze vertelt me dat ze de griep heeft. Haar natuurlijk beterschap gewenst. Ook weer met Rob gebeld, want per slot van rekening zitten we nu al in Spanje en dat moet aan het thuisfront medegedeeld worden. Telefonisch contact gehad met Ans en Lei, ze vermaken zich ook prima op hun vakantie in Frankrijk. Handige uitvinding zon GSM.

In het hotel kunnen we dineren, het aanzien van t hotel laat ons vermoeden dat we er heel chique kunnen eten.

Dit valt heel erg tegen, we zitten alleen in de eetzaal, ze doen speciaal voor ons het licht aan. Dan moeten we ook nog eten bestellen, dit is een probleem.

We spreken totaal geen Spaans en er is ook geen kaart, de serveerster noemt een aantal gerechten op, ik versta er niets van. Alleen "carna" begrijp ik, dit betekent vlees.

Dit wordt dus besteld.

We krijgen het eten in razend snel tempo opgediend, hebben het bord nog niet leeg of er staat al weer het volgende gerecht.

Uiteindelijk heeft het eten toch goed gesmaakt, want als je honger hebt dan eet je alles en wat belangrijker is; onze magen zijn weer gevuld.

De wijn ging er ook weer goed in.

Volgens mij slapen hier veel vrachtwagenchauffeurs, deze zitten allemaal naast ons in een andere zaal te eten.

Dag: 24

Maandag, 28 augustus 2000

Afstand: 64,75 km Gem. 13,25 km/uur

Tijdsduur: 10.15 -17.00 uur / Fietstijd: 4.53 uur

 

 

HUARTE ESTELLA.

 

Het hotel heeft alleen een luxe uitstraling, de prijs valt ons mee. Lekker geslapen, de bedden liggen goed (niet doorgelegen) en het is donker door de rolluiken.

Het onbijt is een probleem alweer vanwege de taal, met veel handgebaren en een enkel woordje Spaans krijgen we een heerlijk ontbijt.

Nu gaan we weer op weg. Cor wil eerst terug naar t centrum van het dorp (dit is 2 kilometer terug), maar na het bestuderen van de route blijkt dat we op de juiste weg zitten.

Normaal bemoei ik me niet met de route maar nu komt het toch wel goed uit, want dit scheelt tocht weer een paar kilometers en het schijnt dat ik altijd op het juiste moment de goede opmerkingen heb, dus dit is een perfecte combinatie.

Na 5 kilometer komen we in Pamplona bekend van de stieren die hier een maal per jaar door de straten lopen, gelukkig vandaag niet. Het is een hele grote stad maar de route staat perfect aangegeven met gele strepen op de weg en schelpen op gevels en paaltjes. Iedereen is bereid om je de weg te wijzen en te helpen.

Terwijl ik bij een bakker iets lekkers koop, fietsen de drie Belgische jongens langs (lagen bij ons in het hotel in St. Jean-Pied-de-Port).

Na Pamplona krijgen we, hoe kan t ook anders, weer een flinke klim. Hier op deze beklimming haalt mij een Deens meisje in. Ze smijt met haar krachten, ze wil ook Cor inhalen. Maar dat lukt niet, ze moet van haar fiets met de woorden "I am dying".

We verlaten nu de drukke hoofdweg en gaan een mooie stille binnenweg volgen met wel weer een klim, maar de natuur is prachtig.

Het is warm en de zon brandt fel.

Op deze weg komen we een Spanjaard tegen, die aan het wandelen is. Hij probeert ons duidelijk te maken dat we op de verkeerde weg zitten, dit is niet de originele pelgrimsroute.

Wij volgen echter de beschrijving in ons boekje.

Opeens voel ik dat mijn achterband zacht is. Cor pompt hem op. Er is hier geen enkel plekje schaduw, dus hoop ik dat ik er mee kan blijven fietsen.

Enkele kilometers voor Puenta la Reina de band weer opgepompt. Vlak bij het punt waar de route vanuit St.Oloron St. Marie via Col de Somport (Pyreneeën) en Jacca en onze route verder samen gaan.

Er zit een steentje in de buitenband, Cor verwijdert het en maakt een teken op de band . Hij loopt nu heel langzaam leeg. Ik fiets toch door tot in Puenta la Reina en hier besluit Cor om mijn band te plakken.

We willen toch een tijdje in dit mooie stadje blijven. Hier ligt een 900 jaar oude stenen boogbrug over de Rio Arga. Deze is speciaal voor de pelgrimgangers, in opdracht van de koningin Doña Mayor gebouwd. Over deze brug trekken al eeuwen lang pelgrims op weg naar Santiago de Compostela.

We bezichtigen de mooie kerk.

Dan komen we weer het Deense meisje tegen, ze heeft de route verder over de drukke hoofdweg gefietst en dat was niet zo prettig fietsen.

We willen graag een stempel halen in de refugio, maar deze is nog gesloten. We wachten tot dat hij open gaat en ondertussen gaan wij lekker iets eten.

Voor de refugio zitten ook weer onze Belgische vrienden ze zijn ook aan het eten. Eten en drinken, dat is toch heel belangrijk tijdens het fietsen.

Bij onze pauze voor de refugio zien we nog een Frans echtpaar aankomen met de auto, ze stoppen vlak voor de refugio. Halen achter uit de kofferbak de rugzakken, lopen wat op en neer en om 15.00 uur als de refugio open gaat melden ze zich als pelgrimgangers voor een overnachting!! Dit zijn dan niet de echte pelgrimgangers. Deze mensen houden zich zelf toch wel voor de gek, maar op deze manier kun je wel heel goedkoop overnachten.

Ik haal snel een stempel en dan gaan we weer verder op weg.

De laatste kilometers van vandaag.

Voor Estella volgen we de verkeerde weg, nieuw aangelegd en komen aan de verkeerde kant Estella binnen.

We gaan nu op zoek naar de camping, deze ligt zeker 3 kilometer buiten het centrum. We twijfelen of we nog wel goed zitten, aan voorbijgangers gevraagd. We moeten nog even doorfietsen.

De camping is een hele verrassing, heel mooi van de 1e cat. en heel rustig gelegen.

Er is ook een zwembad, voor het eerst gaan we lekker zwemmen.

In het restaurant op de camping gaan we eten. Het is allemaal heel eenvoudig, maar het smaakt goed en we nemen er ook weer een flesje wijn bij. Voor de prijs hoeven we het niet te laten, deze kost maar 250 pts, hiervoor krijg ik onderweg nog geen kopje koffie op een terras.

De prijs van de camping is wel iets duurder dan gemiddeld, maar dit hebben we er graag voor over.

Cor belt weer met opa, dit gaat onderhand bij onze dagelijkse handelingen horen. Pap vindt het leuk om steeds alles door te geven aan de familie en zij zijn daardoor dan ook heel goed op de hoogte hoe het met ons gaat.

We gaan op tijd naar bed. Ik hoor buiten nog de kinderen spelen en naast mij hoor ik Cor snurken, die is al lekker in dromenland.

Ik lig ook niet lang meer wakker.

Dag: 25

Dinsdag, 29 augustus 2000

Afstand: 79,58 km Gem. 15,73 km/uur

Tijdsduur: 10.30 18.00 uur / Fietstijd: 5.03 uur

 

 

ESTELLA NÁJERA.

 

We staan weer te laat op, dit is niet erg. We kunnen toch pas om 9.00 uur naar de winkel om lekker vers brood te halen. Op de camping is het nog heel rustig.

We gaan ons eerst lekker douchen en breken dan ons tentje af. Een paar plaatsen van ons vandaan staat een Nederlands echtpaar met een hele mooie KIP caravan, we moeten dan even aan onze eigen caravan denken, maar ik ben toch blij dat we hier met ons tentje zijn en de hele afstand met onze fietsen hebben afgelegd. Cor geeft hen nog een complimentje met hun caravan, hij doet dit zo overtuigend dat ze ons vragen of we soms ook zon mooie hebben. Ze vinden het een hele prestatie dat we zo ver gefietst zijn.

Tegenover ons staan Engelsen met een omgebouwde volkswagenbus tot een camper. De mevrouw komt vragen of we naar Santiago gaan, en ze heeft heel veel belangstelling voor onze reis. Zelf hebben ze met de camper ook over de camino gereden volgens haar is het niet moeilijk fietsen. Nou we laten ons maar verrassen. Met de auto is het natuurlijk wel iets anders dan fietsen. Ze wenst ons nog een goede reis.

Alles zit weer op de fiets dus kunnen we vertrekken, we gaan eerst nog in Estella de Santo Sepulcro bezichtigen, deze kerk heeft een heel indrukwekkende gevel, helaas kunnen we niet naar binnen.

De weg blijft weer voorlopig stijgen, maar het fietsen gaat steeds beter.

Na 3 kilometer komen we langs een Bodega, hier mogen pelgrimgangers gratis wijn drinken uit een kraan bevestigd in de buitenmuur van deze wijnfabriek. Je moet wel oppassen dat je niet te veel wijn drinkt, want we moeten toch nog een heel eind fietsen. Er is ook een kraan met water en dat smaakt eigenlijk nog veel beter.

Tijdens de klim naar Logroňo passeren we ook weer het Deense meisje, ze ligt halverwege in de schaduw uit te puffen, bergop fietsen gaat haar niet zo goed af.

Logroňo is een heel grote plaats dit is de hoofdstad van de Rioja, hier ontmoeten we weer onze drie Belgische vrienden, ze zitten op een terras lekker van een pintje te genieten. Gisteravond zijn ze doorgefietst tot Los Arcos, dit is 20 kilometer verder dan wij gefietst zijn. Ze kwamen pas laat in de refugio aan en hebben op matjes geslapen, het was er heel druk. Ze bekenden ons dat ze teveel Bodegawijn (gratis) gedronken hadden en het fietsen ging daarna voor geen meter. Daarom zijn ze vandaag ook nog niet zo goed opgeschoten.

Wij genieten op het terras van een lekker glas fris.

Voorbij de stad komen we op een grote brede weg, het lijkt wel een autoweg, we vinden geen andere route.

Het is heel vervelend fietsen.

Het verkeer raast aan ons voorbij en rakelings passeren de vrachtwagens. Er is veel stuurmanskunst voor nodig om niet te gaan slingeren met de fiets.

We hebben veel baat bij onze spiegels, nu kunnen we het verkeer zien aankomen.

Cor vertrouwt het niet en gaat bij een tankstation vragen of dit wel de goede weg is en of er überhaupt wel fietsers op mogen rijden. Ze verzekeren ons dat we hier mogen fietsen, dus vervolgen we maar weer onze route op het smalle strookje langs de weg. Gelukkig komt hier ook een einde aan, we hebben het doorstaan.

We komen in Nájera, dat ligt heel mooi tegen een roodbruine rotswand aan.

We gaan meteen op zoek naar de camping. Heel snel gevonden, ligt dicht bij het centrum en we worden hier in tegenstelling tot wat in het boekje vermeld staat, heel gastvrij ontvangen. We krijgen een rondleiding op de camping en mogen een mooi plaatsje uitzoeken. Op het terrein staat nog een Nederlands stel, we zetten onze tent bij hen in de buurt op.

Eerst nemen we weer een lekkere douche (dat dit zo heerlijk kan zijn) en gaan in het stadje eten.

Alweer uit eten. We zijn een beetje lui wat betreft het zelf eten koken, maar we laten ons zo graag verwennen.

We gaan een leuk restaurantje binnen, zit hier aan een tafeltje een man met "ons routeboekje" in zijn hand.

Cor knoopt meteen een gesprek met hem aan. Hij heet Jacque Scholten en komt uit Zuid-Holland. Hij is in Rocamadour gestart met zijn fietsroute, normaal slaapt hij ook op campings, maar nu zit hij in de refugio. Het is er erg druk en om 22.00 uur moet iedereen binnen zijn. Morgenvroeg om 7.00 uur moeten de pelgrimgangers de refugio weer verlaten hebben. De route van vandaag vond hij ook verschrikkelijk, hij twijfelde ook of hij wel op de goede weg fietste.

Hij fietst gemiddeld 100 kilometer per dag, dit ligt boven ons gemiddelde, maar hopelijk komen we hem nog een keer tegen.

Bij terugkomst op de camping is er een tentje van nog een pelgrimganger bijgeplaatst. Hij is geboren in Geleen en woont nu ergens in Holland.

Het is een beetje een geitenwollensokken type, hij neemt zich de tijd voor alles. Hij is al een paar maanden met de fiets onderweg. Morgen neemt hij weer een rustdag.

Onderweg hebben we nog veel plezier van de stickers van de St. Jacobsvereniging uit Haarlem. Die op diverse en vooral onduidelijke punten langs de weg, de route markeren. Ze waren voor ons een steun en hebben het makkelijker gemaakt om de juiste weg te volgen.

We gaan lekker op tijd naar bed, om morgen weer uitgerust aan de start te staan.

Dag: 26

Woensdag, 30 augustus 2000

Afstand: 105,29 km Gem. 16,53 km/uur

Tijdsduur: 10.15 18.30 uur / Fietstijd: 6.22 uur

 

 

NÁJERA BURGOS .

 

We staan weer iets later op, omdat we pas om 9.00 uur brood kunnen krijgen op de camping (in het dorp hebben we geen bakker gezien).

Het is al na negen uur en de beheerder is nog niet aanwezig, dus neem ik me het brood maar mee. Dit staat in een grote zak achter een glazendeur. Ik ben later wel gaan betalen.

Nadat alles weer op de fietsen zit gaan we nog even het stadje in om een stempel te halen en wat boodschappen in te slaan.

We beginnen weer met een klim over de drukke N120, ondanks dat het bergop gaat schieten we toch aardig op.

Onze eerste stop is in Sto.Domingo de La Calzada, dat bekend staat om de legende van de levende kip en haan. Naar aanleiding van een verhaal dat een jeugdige pelgrimganger in de middeleeuwen valselijk beschuldigd was van diefstal en zijn leven te danken heeft aan een levende kip. Boven een stenen nis in de kerk bevindt zich het beroemde kippenhok, waar een levende haan en kip in rondscharrelen.

Cor gaat een stempel halen en komt hier Peter tegen, die hebben we op een regio bijeenkomst in Roermond ontmoet. Hij is 30 juli vertrokken en heeft door Frankrijk met zijn dochter gefietst, ook op campings overnacht.

Nu is hij vanaf St. Jean-Pied-de-Port onderweg met nog 3 vrienden en een begeleider met auto, ze fietsen zonder bagage en slapen in hotels. Hij is heel blij dat hij Cor ziet, want nu kan hij zijn verhaal even kwijt. Op dit moment is hij niet zo tevreden over de manier van fietsen, zijn vrienden willen maar kilometers maken en hij wil van de omgeving genieten en op zn tijd iets bezichtigen.

Hij vond t met zijn dochter veel rustgevender.

We hebben onderweg nog enkele kaarten gekocht voor Patrick den. O., Roland, Patrick en Huub die binnenkort jarig zijn en deze doen we hier op de post, nadat ik postzegels heb gekocht bij de "Deutsche Telecom" hier in Spanje. Dit is heel vreemd. De Spaanse P.T.T. is nu in Duitse handen. In een verenigd Europa moet dit kunnen.

We vervolgen weer onze weg, eerst nog een stukje over de N120 en dan nemen we een omweg binnendoor, wel beschreven in ons routeboekje.

Het fietsen gaat nu heel goed en de route is heel aangenaam met weinig verkeer. We fietsen tot in Belorado en hier gaan we lunchen.

Zitten we lekker op een bankje in de schaduw onder de platanen, arriveren Peter en zijn vrienden hier ook. Ze zijn hun volgauto kwijt, we zeggen dat deze ons onderweg heeft ingehaald. Ze fietsen nog wat rond en hebben hun begeleider snel gevonden, deze heeft al een hotel voor ze geregeld.

 

 

We rijden weer een stukje over de N120 tot in Tosantos en dan gaan we weer binnendoor, een prachtige weg.

We hebben wel de beklimming van de Montes de Oca tot ongeveer 1100 meter. Deze gaat geleidelijk omhoog en de omgeving is prachtig, uiteraard hebben we hierna een geweldige afdaling.

Voor Burgos een stad met 180.000 inwoners, wordt het weer drukker.

In het centrum gaan we op zoek naar het bureau van toerisme. Een vriendelijke Spanjaard ziet dat wij zoekende zijn en vraagt of hij ons kan helpen. Spontaan fiets hij ons voor en houdt onderweg al het verkeer tegen, fietst over de stoep, tegen het verkeer in en weldra staan we voor het "officina de tourisme".

Om bij de camping te komen, moeten we ongeveer 5 kilometer terugfietsen.

Onderweg komen langs een mooi park. Hier zijn de Spanjaarden aan de wandel, jong en oud, ze zijn allemaal op weg. Dit wordt de pantoffel-parade genoemd, voor het avond eten gaan alle Spanjaarden flanerend over straat.

Het lijkt wel een hele tijd voordat we eindelijk bij de camping zijn. Onderweg nog een enkele keer gevraagd of we wel op de goede weg zitten en dan eindelijk zien we de camping liggen. Mooie verzorgde camping en tot onze grote verbazing ligt hier ook de accountant Jacque Schouten, die we gisteren ook al tegen kwamen.

Totaal hebben we vandaag 105 kilometer gefietst.

Als beloning gaan we weer uit eten.

We gaan in het restaurant van de camping eten en hier krijgen we echt een voortreffelijke steak en uiteraard ook weer een lekker flesje vino tinto.

Na het eten is het weer bedtijd. We gaan slapen in ons tentje.

Het koelt s nachts flink af, daarom kruip ik lekker tegen Cor aan.

 

Dag: 27

Donderdag, 31 augustus 2000

Afstand: 83,55 km Gem. 18,36 km/uur

Tijdsduur: 12.30 18.00 uur / Fietstijd: 4.32 uur

 

 

BURGOS FRÓMISTA.

 

Om 8.30 uur staan we op. Vandaag willen we maar een halve etappe fietsen. Ten eerste omdat we heel graag Burgos willen bezichtigen. Ten tweede omdat we volgens het boekje nu een heel zwaar traject moeten overbruggen.

De route klimt langzaam tot op de Spaanse hoogvlakte genaamd "De Meseta". Deze streek is heel dun bevolkt en het kan er zomers flink warm zijn.

Na het ontbijt pakken we toch maar alles in, eerst wilden we de tent laten staan en later afbreken. We fietsen samen met onze buurman Jacque naar het centrum van Burgos.

We gaan allereerst richting Cathedraal en bezoeken deze imposante en prachtige kerk, je komt echt ogen te kort. Om alles heel goed te bekijken komen we zelfs tijd te kort.

In de sacristie haal ik een mooie stempel, hier komen we Jan en Greet, het echtpaar uit St. Jean-Pied-de-Port, tegen.

Naast de Cathedraal ligt nog een kerk die tot museum is omgebouwd, hier haal ik ook nog een tweede stempel.

Buiten ontmoeten we ook Peter en zijn vrienden. Op het plein voor de kathedraal genieten we gezamenlijk van een kopje koffie c.q. thee.

Hierna moeten we ook nog een terrasje pikken met Jacque en dan verlaten wij met zn allen (Jan en Greet, Jacque en wij) Burgos.

Het is inmiddels al 12.30 uur.

Jacque neemt afscheid van ons en fietst meteen door, want hij wil vandaag nog 100 kilometer fietsen. Waarschijnlijk zien we hem niet meer terug.

Met Jan en Greet fietsen we verder, eigenlijk fietsen we niet bij elkaar maar we hebben elkaar constant in beeld.

Het gaat vandaag buitengewoon goed zelfs de klim van 7 % is voor ons een fluitje van een cent. Ons gemiddelde ligt heel hoog, boven de 18 km/uur.

Na 30 kilometer in het plaatsje Yudego bij de fontein op het pleintje gaan we picknicken. Jan en Greet zitten hier ook al. Hier besluiten we om vandaag toch maar meer kilometers te fietsen dan de geplande 50.

Ondanks dat de streek zo uitgestrekt is en de vlaktes groot en kaal, vind ik het toch een imposant gezicht en de vergezichten zijn prachtig. Hier en daar zie je in de verte een verscholen dorp liggen, waar de kerktorens bovenuit steken.

In Castrojeriz is een camping, maar hier besluiten we om door te fietsen tot Fromista. Hier is geen camping, maar wel is er een hotel en een refugio, we kunnen dus altijd wel ergens slapen.

We vragen ook nog even de weg aan een oud Spaans vrouwtje, ze is verbaasd dat er op onze fietsen geen motor zit en dat we zelf moeten trappen en ook nog helemaal vanuit Nederland.

In Fromista gaan we eerst langs de Spaanse VVV en vragen inlichtingen over een hotel, ondertussen krijgen we nog een mooie stempel in onze passen.

Buiten het kantoortje komen we een Nederlands stel uit Overijssel tegen. Ze zijn te voet en vertrokken uit St.Jean-Pied-de-Port. Ze vertellen ons nog een verhaal van een Limburger "Bert" genaamd, deze heeft al diverse keren gefietst maar is nu te voet vanuit Nederland onderweg. Ze hebben hem het laatst in Burgos gezien en hier was hij een beetje in de war. Hij gaf al zijn spullen weg, want hij wilde naar huis. Dit is dan twee dagen geleden gebeurd en ze zijn benieuwd of het nog wel goed met hem gaat. We zullen het waarschijnlijk nooit te weten komen.

Het dorp is maar klein dus een hotel is snel gevonden. We krijgen een mooie kamer in deze voormalige refugio, alweer met een heerlijk ligbad. De fietsen gaan in de stalling / garage, achterom tussen de flessen wijn en fris.

We willen ook nog even de mooie kerk San Martin bezichtigen, daar komen we op het pleintje een ouder Duits echtpaar tegen. Een heel leuk gesprek gehad over van alles en nog wat. Ze lopen gedeelten van de route, voor moeilijke passages nemen ze de bus.

Inmiddels is het alweer laat en de kerk blijkt al gesloten.

Dan besluiten we maar iets te gaan eten in ons hotel. Je gelooft het niet, maar daar aangekomen staan Jacque, Jan en Greet voor de deur. Ze willen ook net iets gaan eten.

Ze slapen vlakbij in de nieuwe refugio, maar ja daar hebben ze geen ligbad. We besluiten om gezamenlijk te eten. Dit is heel gezellig, alleen hebben zij niet zo veel tijd want om

10.00 uur moeten ze binnen zijn. Dat wordt dan alles snel opeten voor hun.

Na het eten lopen Cor en ik nog even een blokje om.

Ook komen we langs de refugio van onze vrienden, die nu al gesloten is.

We zoeken daarna onze kamer op en gaan genieten van een verdiende nachtrust.

Dag: 28

Vrijdag, 1 september 2000

Afstand: 67,02 km Gem. 14,66 km/uur

Tijdsduur: 9.45 16.15 uur / Fietstijd: 4.34 uur

 

 

FROMISTA 殌 SAHAGŪN.

 

Om 8.00 uur staan we op en nemen we het ontbijt in ons hotel. Dit bestaat uit twee sneetjes geroosterd brood en jam. Het is wel karig maar ik kan s morgens toch niet zo veel eten. De koffie con lèche is heel lekker en een glas met vers geperste sinasappels gaat er ook in.

Bij de supermarkt in het dorp gaan we eerst boodschappen doen, want we fietsen vandaag nog steeds over de Meseta en de vlaktes zijn uitgestrekt zonder bewoonde gebieden en winkels.

We willen nog naar de kerk, maar deze is nog steeds niet open, dan maar verder fietsen en om 10.45 uur zitten we weer op de route.

We fietsen nu op een pad, speciaal voor de fietsers en wandelaars in 1994 aangelegd met geld van de EU. Langs het pad hebben ze ook boompjes geplant, dit voor het verkrijgen van schaduw, maar deze zijn nog nauwelijks gegroeid. Ze bieden dus nog helemaal geen koel plekje.

Het pad lijkt een beetje op de schelpenpaadjes die wij op de Veluwe hebben, alleen bestaan deze uit heel fijn wit grind. Het fietsen vraagt veel behendigheid en stuurmanskunst, je moet steeds tussen twee palen doorfietsen. Onze fietsen met tassen gaan er nèt tussendoor. Het is toch een apart gevoel om hier overheen te fietsen.

We halen nu ook veel wandelaars in. We komen een groepje uit Brazilië tegen, zelfs Japanners ontmoeten we hier. De Camino is over de hele wereld bekend.

We bereiken ook het punt dat we de Camino(dus het Spaanse gedeelte) voor de helft hebben afgelegd. Overal wordt met borden aangegeven hoeveel kilometers het nog is tot Santiago de Compostela.

In Carrion de los Condos komen we ook weer Peter en zijn vrienden (de groep uit Heerlen) tegen. Samen hebben we een terrasje gepikt en dan vervolgt weer ieder zijn eigen weg.

Verderop in het klooster gaan we een stempel halen.

Dit is een heel serieuze zaak, al onze stempels worden nauwkeurig bestudeerd en we moeten ons in een groot logboek inschrijven met al onze gegevens. Vanwaar wij vertrokken zijn, welke plaatsen wij aangedaan hebben en dan krijgen we pas de stempel.

We fietsen nog steeds over uitgestrekte vlaktes, zonder bebouwing en af en toe in de verte een klein dorpje.

Ongeveer 5 kilometer voor Sahagun wordt het steeds moeilijker om op het pad te fietsen (keien). We gaan nu maar weer op de N120 fietsen, dit schiet meteen een stuk beter op en gelukkig is er niet zo veel verkeer.

Hier in deze buurt wordt ook heel hard gewerkt aan de nieuwe N120, overal zijn al hele stukken weg klaar.

 

 

Als we de route verder vervolgen, komen we in Sahagun langs de camping, deze ligt even buiten het dorp.

Bij de receptie worden we geholpen door een student, die veel belangstelling voor onze tocht toont. Hij wil ook, als hij klaar is met zijn werk op de camping, de camino gaan lopen vanuit Sahagun. Hij woont in Leon en zegt dat we beslist deze stad moeten bezoeken (wat wij ook van plan zijn). Hij spreekt Engels dus het gesprek verloopt heel gezellig.

We mogen ons een plekje in de schaduw uitzoeken, maken eerst onze slaapplaats in orde en gaan dan even lekker zwemmen in het gemeentelijke zwembad, dat naast de camping ligt.

Cor gaat eerst, want er moet iemand bij de spullen blijven, daarna mag ik een lekkere koele duik nemen. Alleen ik vind de ingang niet, die ligt toch een heel stuk verderdoor dan dat ik verwacht had. Maar uiteindelijk duik ik dan toch in het koele water, blijkt later het verkeerde bad te zijn, hier was niemand anders aan het zwemmen. Ik had toch stukje verder moeten doorlopen. Cor vertelt later, dat in het gemeentelijke zwembad iedereen een badmuts op moet hebben, zowel dames als heren. Daar heb ik dus niets van gemerkt in "mijn eigen wedstrijdzwembad".

We gaan de stad in. Eerst gaan we op zoek naar een stempel, die krijgen we in de plaatselijke refugio. Blijkt dit vroeger een kerk geweest te zijn.

Terugkomend op het dorpspleintje treffen we de groep uit Heerlen weer. Samen drinken we een pilsje.

Ik niet, maar Cor smaakt t uitstekend. Hij heeft nog niet veel pilsjes gedronken onderweg. Volgens mij pas eentje (van onze buren met de camper in Noord Frankrijk)

We gaan op zoek naar een restaurant, daar komen we onze Belgische vrienden tegen. Ze hebben onderweg veel pech gehad, zeker 5 lekke banden, dit heeft voor veel oponthoud gezorgd.

We zitten samen buiten op het terras en willen iets te eten bestellen maar dat kunnen we pas om 21.30 uur doen, voor ons is dat niet zo erg maar zij moeten om 22.00 uur in de refugio binnen zijn.

Uiteindelijk krijgen we toch iets eerder de kaart en bestellen ons eten, de Belgische jongens ook.

Even later worden wij door de ober naar binnen geroepen. De tafels staan netjes gedekt klaar.

De Belgen krijgen het eten buiten opgediend. Cor legt hen uit dat er verschil moet zijn. Wij zijn Nederlanders en zij zijn Belgen. Lachen natuurlijk.

Het eten smaakt alweer goed en uiteraard ook een fles vino tinto. Na het eten fietsen we weer terug naar de camping en kruipen voldaan in onze slaapzakken.

Dag: 29

Zaterdag, 2 september 2000

Afstand: 65,80 km Gem. 15,52 km/uur

Tijdsduur: 10.15 16.00 uur / Fietstijd: 4.14 uur

 

 

SAHAGŪN ߀ LEON .

 

Weer lekker geslapen in ons tentje. Als we opstaan om 8.00 uur is het erg koud. Binnen in de tent is het 10 C en buiten 8 C. Dit is dus even bibberen.

We ruimen alles volgens ons vast systeem weer op en bepakken onze stalen rossen.

We fietsen weer terug naar het dorp om boodschappen te doen en dan kunnen we ook meteen ontbijten.

Zitten we lekker op het pleintje te eten, komen de Belgen langs en vragen of wij problemen hebben, want ze hebben ons langs zien fietsen.

Leuk dat de mensen zon belangstelling hebben. We kunnen ze geruststellen, we waren alleen op zoek naar de supermarkt om inkopen te doen. Ze fietsen weg en we eten rustig ons brood op.

Om 10.15 zitten we weer op de camino. We fietsen weer op het witte pelgrimspad.

Het is te doen, maar het gaat toch langzamer dan op het gewone asfalt.

Wij vinden dit geen probleem, want we hebben toch de tijd en kunnen rustig aan doen. Het grote voordeel is wel dat je geen last hebt van hinderlijk vrachtverkeer en je ontmoet er veel wandelaars.

Bij het dorpje El Burgo Ranero staat een hele verzameling pelgrimgangers voor de Spar en jawel hoor hier staan ook weer onze Belgische vrienden.

Cor helpt ze met het oppompen van hun fietsbanden, ze hebben slechts een heel simpel handpompje bij zich. Dat lukt niet zo best. Met onze pomp is het zo gepiept. Cor meet zelfs nog na of de bandenspanning goed is, staan ze even met open mond te kijken. Ze bewonderen ook nog even onze fietsen en vragen hoe wij van plan zijn om naar huis terug te gaan.

Wij zijn in de gelukkige omstandigheid dat onze zoon Rob zijn vakantie zo gepland heeft, dat hij ons kan komen ophalen. Hij is zo lief om voor ons enkele vrije dagen op te offeren.

Ze vertrekken weer, we drinken en eten nog iets en gaan dan ook verder.

We willen vandaag niet zo veel kilometers maken. Ons plan is om tot in Leon te geraken.

Omdat we een omweg maken naar Leon, wijken we af van de route in ons boekje.

De wandelaars lopen wel altijd via Leon, dus wij vinden dat we deze stad ook moeten bezoeken.

Het gaat weer heel erg goed vandaag, alleen vanmorgen moest ik een beetje op gang komen. Eigenlijk kan ik niet zo goed tegen de kou, maar nu is het weer heerlijk warm en de zon schijnt lekker, dus wat willen we nog meer.

Onderweg passeren we nog een kilometerpaal waarop staat nog 423 kilometer, we kijken elkaar aan en zeggen, "Jammer, nog maar 423 kilometer". Als je normaal tegen iemand zegt; "Ik ga 423 kilometer fietsen", dan is dit een heel eind (Geleen Parijs). Nu na al die dagen en weken (vier) onderweg is deze afstand niets meer. We vinden we het aan een kant jammer dat t einde nadert, maar toch wil je verder en je tocht volbrengen.

We liggen heel goed op schema en hebben nog voldoende tijd over, dus gaan we het de komende dagen bewust rustiger aandoen. Genieten van alles dat we zien en iedereen die we onderweg tegenkomen.

Om 16.00 uur komen we in Leon aan, een prachtige grote stad.

We bezoeken eerst de Kathedraal en halen er onze stempel. We wachten voor het bureau van toerisme tot dat deze opengaat, vragen hier een plattegrond en gaan op zoek naar een hotel in deze grote stad.

Dichtbij het centrum zijn de hotels bezet, maar 740 mtr. buiten het centrum vinden we een groot maar fijn hotel en onze fietsen kunnen hier ook weer in de garage onder het hotel.

Ik ga lekker in bad liggen, dit is goed voor mijn beenspiertjes.

We kleden ons aan en gaan weer naar het centrum, hier zijn veel mooie gebouwen vooral het Casa de Botines van de architect Gaudi.

De Kathedraal steekt echter boven alles uit. Niet allen qua hoogte maar ook in schoonheid.

We besluiten om in het hotel ons diner te gebruiken.

Dit blijkt een heel goede keus, we krijgen een heerlijk 4-gangen menu opgediend.

Eerst peultjes met aardappelen, dan garnalen met boontjes, een losgeklopt ei erdoorheen (dit is heerlijk), daarna vlees met frietjes / groenten en een puddinkje na. Natuurlijk hoort hier een flesje vino tinto bij.

Op de achtergrond staat de televisie aan met een of andere voetbalwedstrijd uit de Spaanse competitie.

In Spanje staat vaak de TV aan in cafés en restaurants, zonder dat er iemand naar kijkt of luistert.

Om 11.00 uur gaan we naar bed.

Vandaag is Rob thuis vertrokken voor zijn eerste vakantiebestemming, te weten Futuroscope in Frankrijk.

 

Dag: 30

Zondag, 3 september 2000

Afstand: 65,28 km Gem. 16,05 km/uur

Tijdsduur: 10.15 16.30 uur / Fietstijd: 4.04 uur

 

 

LEON - ASTORGA.

Ontbijten in het hotel, dan nog even mijn dagboek bijwerken en om 10.15 uur verlaten wij Leon.

We kunnen kiezen via de N120 of een weggetje binnendoor, het liefst fietsen we niet over een drukke weg, dus de keus is niet zo moeilijk. Op deze alternatieve weg moeten we wel iets meer klimmen, maar dit is dan weer een goede voorbereiding op morgen, want dat wordt een zware etappe met veel hoogteverschillen.

De weg is heel rustig en het landschap is dor, maar wij vinden het toch mooi. Cor heeft het op een kruispunt moeilijk om de juiste afslag te nemen, er staat een bord dat helemaal verroest is en niet meer te lezen is.

Op goed geluk gaan we een richting op (die later de juiste blijkt te zijn). Onderweg zien we in een greppel nog een rood-wit-blauw vlaggetje liggen. Dit moet van Jacque zijn, want die heeft zulke vlaggetjes op zijn fiets zitten.

We fietsen voorbij een dorpje Antimio Arriba dat geheel uit holwoningen bestaat. Deze woningen zijn allemaal bewoond, want we zien de mensen voor hun "huizen". Voor ons is het onvoorstelbaar dat hier mensen in kunnen wonen. Ik vind dit wel een prachtig gezicht, al die schoorstenen boven op de heuveltjes.

Wat mij onderweg ook is opgevallen, dat in de uitgestrekte gebieden, we percelen tegen komen, allemaal afgebakend met een omheining van heel goed tot heel simpel hekwerk. Soms staat er verder niets op, maar meestal wel een of ander krotje en een heel enkele keer een prachtig huis met een mooi aangelegde tuin.

Het landschap wisselt heel erg, dan is alles weer dor en dan weer erg groen. Nu en dan zien we langs de kant een heel helder beekje stromen, waar dat vandaan komt weten we niet.

Bij Mozondiga komen we weer op onze originele route, deze is weer makkelijker te volgen.

We fietsen door en gaan in Hospital de Orbigo, in het parkje picknicken. Van hieruit hebben we een mooi uitzicht op de imposante brug met zijn 18 stenen bogen. Op de brug is een Spanjaard weer heel behulpzaam met het wijzen van de weg, zelfs weet hij ons precies het aantal kilometers te vertellen tot in Astorga. Het valt ons trouwens toch op dat als je maar even in je route-boekje kijkt, de mensen je spontaan te hulp schieten, om je de goede kant op te sturen.

Onderweg op een pleintje voor een klein kerkje zitten we even uit te puffen. Komen we in gesprek met een Spanjaard, die vroeger nog bij de Philips in Eindhoven heeft gewerkt. Hij kan zelfs nog enkele woordjes Nederlands spreken waaronder "regenen". Volgens hem regent het in Nederland altijd en hier in Spanje schijnt de "sol". Zijn werk bestond uit het maken van buizen voor tvs, dus dit moet toch wel lang geleden zijn.

We fietsen weer aardig door en komen om 16.00 uur in Astorga aan.

We besluiten om in de refugio te gaan slapen. Hier moet een refugio zijn die door Belgische Broeders van Dongen, geleid wordt. Dit hebben we gehoord toen we tijden onze voorbereiding in Vessem bij Broeder Fons v.d. Laan zijn geweest.

Helaas kunnen we deze niet vinden en we hebben nu een bed in de gemeentelijke refugio.

Hier hebben we ons laten inschrijven en onze passen laten afstempelen. We liggen op een grote slaapzaal met wel zeker 74 bedden, die voor 75 % bezet zijn.

Volgens mij is het een oud schoolgebouw, alles is een beetje verouderd, waaronder de douches. Deze hebben alleen koud water. Hier dan toch maar onder de douche, per slot van rekening zijn we pelgrimgangers en een beetje ontbering kan geen kwaad.

We gaan nog het centrum in en de kathedraal bekijken.

Hier hebben ze een tentoonstelling ingericht en overal staat bewaking. Ik vind dit heel jammer want de kathedraal is er voor de mensen, zo mis je toch het eigenlijke gevoel dat zon imposant gebouw je moet geven. Ik kan zelfs geen mooie foto maken van de poort van de entree (die werkelijk prachtig is), er staat een hele stellage omheen.

Hier krijg ik wel een mooie stempel in onze pas.

Tegen 20.00 uur op zoek naar een restaurant, we merken nu wel dat het toeristenseizoen afgelopen is, het is overal heel erg rustig.

Rob belt nog op om te vertellen dat de reis goed verlopen is en dat hij zich uitstekend vermaakt in Futuroscope, hierna belt Treesje nog onverwacht op. Ze weet dat we morgen een zware etappe hebben en wil ons veel succes wensen. De familie volgt ons op de voet, dit doet ons goed.

Nu zorgen voor de inwendige mens en moeten we eten.

We vinden een leuke bar-restaurant en gaan hier naar binnen. Er is helemaal geen bedrijvigheid, dit komt misschien nog.

De serveerster komt de bestelling opnemen, ze hebben geen menu-kaart. Ze vertelt wat er te eten is, we begrijpen er niets van. Uiteindelijk haalt zij een boekje te voorschijn met allemaal afbeelding van etenswaren.

Zo bestellen we een heerlijke maaltijd. De wijn kan ik wel altijd bestellen want dat is niet moeilijk. Je hoeft maar "vino tinto" te roepen en er wordt een fles wijn voorgezet.

Om 22.00 uur nog even met Opa gebeld, deze gaat hierna de hele familie bellen, daar zullen ze blij mee zijn op dit tijdstip!

Het wordt nu tijd om de refugio binnen te gaan, want anders is de deur dicht en hebben toch nog geen slaapplaats.

Dag: 31

Maandag, 4 september 2000

Afstand: 72,03 km Gem. 14,89 km/uur

Tijdsduur: 9.00 16.15 uur / Fietstijd: 4.50 uur

 

 

ASTORGA CACABELOS.

 

Al vrij vroeg staan er mensen op, om op pad te gaan.

Om 7.20 uur worden we met veel kabaal uit bed getrommeld. Mensen die nog slapen worden wakker geschud, het lijkt t leger wel. We moeten om 8.00 uur uit de refugio zijn.

Ondanks de vele mensen, het gesnurk van mannnen en vrouwen en de vroege bedrijvigheid, toch nog redelijk geslapen.

Ik weet nu wel waarom ik zo graag in ons tentje lig.

In een Pizza-Bar tegen over de refugio, die al vanaf 6.00 uur open is, gaan wij ontbijten. Het smaakt redelijk, eerst een chocoladebroodje en daarna nog 2 toast met jam. Naast ons zitten 3 Spaanse jonge heren, deze hebben ook in de refugio geslapen en zijn ook met de fiets onderweg.

Het is vanmorgen weer vrij koud.

We moeten ook nog inkopen doen, wat niet zo makkelijk is op dit tijdstip, de meeste winkels zijn nog dicht. Even gezocht en toch nog iets te drinken en brood kunnen kopen en dan op weg naar Cruz de Ferro.

Na 23 kilometer komen we in een leuk dorpje Rabanal.

Het is tijd voor koffiepauze, dus gaan we hier in de refugio koffie drinken. Het is hier heel gezellig ingericht, overal hangen fotos van pelgrimgangers die hier hebben overnacht en van iedere foto straalt de gezelligheid af.

In zijn ijver om op te ruimen stoot Cor nog een glas om, dit valt stuk op de grond. We willen de onkosten vergoeden maar het beheerdersechtpaar wil hier niets van weten. We mogen zelfs eigenhandig nog een stempel in onze passen zetten. Bij de uitgang staat een fooienbus, hier stop ik een paar pesetas in om schade toch te compenseren.

Nu begint weer het "echte" klimmen. Eerst een klim van 8% daarna tussen de 10 en 12%, maar het gaat ons toch goed af. We zien de Cruz de Ferro al liggen in de verte, nog een klein stukje en dan hebben we een hoogte bereikt van 1500 meter.

Op de top leggen we ons eigen steentje op de grote hoop stenen met een groot kruis erop. Hier laten we dan onze symbolische last achter, zodat we het laatste stuk van onze route makkelijker kunnen volbrengen. Cor heeft van thuis twee steentjes meegenomen. Eentje hebben we in Utrecht (zijn geboorteplaats) opgehaald en eentje heeft hij vanuit Echt meegenomen.

Mijn steen heb ik in Berg a/d Maas gehaald, de geboorteplaats van mijn vader.

Dit is toch weer een mijlpaal en we staan hier even stil bij alles wat we tot nu toe volbracht hebben.

Samen en op eigen kracht helemaal tot hier gefietst.

 

 

We praten nog met een Zwitsers echtpaar, deze zijn onderweg met hun mountainbike en hebben een filmcamera bij zich. Cor filmt, als een volleerd regisseur, het moment dat ze hun steen bij het kruis leggen. Zij fietsen voornamelijk op loperspaden en hebben inmiddels ook al diverse lekke banden gehad.

Zij fietsen verder en wij gaan hier picknicken.

Dan komen Peter en zijn vrienden ook op de top aan, ze zijn blij dat ze ons zien en wij natuurlijk ook.

We nemen nog een aantal fotos samen.

We gaan weer verder, eerst een kleine afdaling dan weer een klim van 12% en hierna volgt de beloning met een geweldige en steile afdaling.

Tijdens deze afdaling komen we door het dorpje El Acebo.

Het bestaat uit een heel smal straatje. De huisjes hebben overhangende balkons. Het gehele dorp is in zijn oorspronkelijke staat hersteld.

Aan het eind van het dorp is nog een gedenkteken geplaatst voor een fietser die hier dodelijk verongelukt is. Hiermee willen ze de fietsers waarschuwen om goed uit te kijken en tijdig af te remmen. De afdaling blijkt zeer gevaarlijk te zijn met slecht wegdek.

Even buiten het dorp bel ik met Adèle, die op haar werk is, we willen toch iedereen laten weten dat we weer een mijlpaal bereikt hebben. Nu Rob op vakantie is neemt zij de taak op zich om het thuisfront via e-mail en fax op de hoogte te houden. Het blijkt dat iedereen ons op de voet volgt.

Omdat ik alles heel nauwkeurig wil doorgeven, haal ik mijn computer van de fiets en deze laat ik na ons gesprekje liggen.

Zijn we alweer een tijdje met onze afdaling bezig, mis ik opeens mijn fiets-computer!! Stoppen en dan weer terug het hele stuk bergop, want dit hulpmiddel kan en wil ik niet missen.

Het verdere verloop van de afdaling gaat geweldig, eerst komen we langs Ponferrada een drukke industriestad, hier willen we niet overnachten.

We fietsen door tot in Cacabelos, volgens ons boekje moet hier een camping zijn. Deze kunnen we niet vinden en daarom besluiten we om hier in de refugio te gaan slapen.

Nou dit is echt een schot in de roos, het is een geweldige refugio.

Allemaal aparte kamertjes / cabines met twee bedden en veel opbergruimte, gebouwd tegen de buitenmuur van het kerkplein, helemaal rondom de kerk. Het is nieuw, want de dorpsbewoners komen s avonds langs wandelen om alles te bezichtigen.

De sanitaire inrichting verdient ook een pluimpje, er is zelfs een aansluiting voor een wasmachine, dus volgens mij kunnen ze hier volgend seizoen ook nog machinaal de was doen. Er is zelfs een koffieautomaat.

Hier in de refugio komen we ook het echtpaar tegen die Cor gefilmd heeft op de Cruz de Ferro, mevrouw kleedt zich helemaal om en loopt in een chique geheel doorschijnende jurk rond met haar tangaslipje er onder aan (zoiets heb ik niet bij me).

Jammer voor Cor!

Er is ook een Duitse jongen die een blessure aan de voet heeft, hij is met een groepje wandelend onderweg. Hij vertelt ons dat hij bij de dokter in het een ziekenhuis is geweest en een paar dagen rust moet houden.

Als hij de rekening wil betalen blijkt alles gratis te zijn omdat hij een pelgrimganger is.

 

Het is weer etenstijd.

We gaan op zoek naar een restaurant, vinden wel heel veel bars, die druk bezet zijn, maar geen gelegenheid om iets te eten.

Hier in Spanje is het ook de gewoonte om alle rotzooi bij de bar zo maar op de grond te gooien dit geeft dan zon troep, het is niet om aan te zien. De barkeepers vinden dit prachtig, want hoe meer troep, hoe drukker de bar blijkbaar bezocht wordt.

Uiteindelijk vinden we een Pizzeria.

Omdat we heel hongerig zijn bestellen we een grote gemengde pizza. De baas/chefkok komt vragen of we wel werkelijk een "grote" willen en laat ons de plaat zien, waarop deze pizza gebakken wordt!!

Dat is wel erg groot, dus toch maar een normale besteld.

We krijgen een heerlijke pizza met salade en laten het ons goed smaken en zoals gewoonlijk vergeten we ook de wijn niet.

Al een paar dagen komen we steeds onderweg een iets ouder Frans echtpaar en een jonger Spaans echtpaar tegen. We vragen altijd waar ze geslapen hebben en of ze goed geslapen hebben en hoeveel kilometer ze vandaag gaan afleggen en of ze de route moeilijk vinden om te fietsen. Het gaat wel allemaal met handen en voeten, maar toch lukt het ons aardig.

Zij fietsen ook met volle bepakking.

Met Hanny gebeld en met Opa. Patrick ook nog even aan de telefoon gehad want hij is vandaag jarig (denk ik)!

Dag: 32

Dinsdag, 5 september 2000

Afstand: 43,90 km Gem. 11,41 km/uur

Tijdsduur: 10.00 16.00 uur / Fietstijd: 3.51 uur

 

 

CACABALOS - EL CEBREIRO.

 

Vandaag precies een maand onderweg, de tijd vliegt aan ons voorbij.

We hebben echt heerlijk geslapen in de refugio en we worden ook niet uit bed gedrild.

Het is de bedoeling dat we om 8.00 uur de refugio verlaten, maar er zijn nog verschillende mensen aanwezig, we vertrekken om 8.30 uur en met ons ook de rest van de pelgrimgangers.

De beheerders beginnen al met de schoonmaak.

We gaan op zoek naar een supermarkt en een bakker.

We vinden eerst een bakker en halen hier brood en lekkere gebakjes, de bakker vraagt of we naar Santiago de Compostela gaan, nou dan moeten we goed eten en veel brood meenemen. Vandaag komen we heel moeilijke passages tegen. Ik koop dus op zijn advies nog enkele extra gebakjes.

Voor de etappe van vandaag heeft ons het Spaanse en Franse echtpaar ook al gewaarschuwd, de Fransen zijn zelfs van plan om een gedeelte met de bus te gaan.

Daarna gaan we nog langs een kleine supermarkt, om genoeg drank, etenswaar en bananen te kopen.

We ontbijten uitgebreid op een pleintje. Hier zien we de Duitse jongeman strompelen en even later stapt hij in een taxi.

Om 10.00 uur zitten we weer op de route.

Het begint al meteen geleidelijk aan bergop te gaan en we fietsen door tot in Villafranca.

We stoppen hier voor een kopje koffie en een glas thee. Bij ons op het terras komen nog 3 Duitse meisjes zitten en met hen hebben we nog gezellig zitten te praten. Ze zijn eerst in Santiago geweest en dan vanuit Astorga gaan ze nu te voet weer naar Santiago de Compostela.

We bezoeken nog de kerk die op een heuvel ligt, de fietsen laten we beneden staan, dan gaan we weer verder.

Nu begint pas het echte klimwerk, het blijft gestaag bergop gaan met een stijgingspercentage van tussen de 6 en 10.

Stilletjes aan vraag ik me af, waarom iedereen hier nu zo bang voor is, het gaat me tamelijk goed af.

Maar dan na circa 30 kilometer bij Las Lamas komen we de "killer" tegen, het is maar een hele korte passage, maar het gaat hier echt recht omhoog, nog erger dan onze Limburgse Keutenberg. Cor fietst hem helemaal op en helaas moet ik na deel afstappen en lopen. Dit is ook geen pretje; je fiets met een gewicht van meer dan 20 kilo aan bepakking bergop te duwen. De inspanning is zo groot dat mijn beenspieren helemaal beginnen te trillen.

Op de top weer op de fiets gestapt, want we moeten toch verder.

Het ergste is, het blijft nog steeds bergop gaan.

Ik moet rustig blijven doortrappen.

We fietsen nu ook nog op de grote weg het vrachtverkeer raast aan ons voorbij.

In de verte zien we ook hoe ze aan de nieuwe snelweg aan t werken zijn, het is een hele klus.

Onderweg bij een refugio zien we weer de Duitse jongeheer en zijn begeleidend groepje zitten, dus hij heeft zich tot hier met de taxi laten brengen, de anderen hebben het stuk gelopen, dat is ook een oplossing.

Eerst zijn we van plan om tot in El Cebreiro te fietsen, de hoogste bergrug tussen Leon en Calicië, hier even een pauze te nemen en dan weer door te fietsen.

Het blijft klimmen geblazen tot we uiteindelijk in El Cebreiro zijn.

Even vóór de top nog gestopt bij een bron en hier heerlijk vers bronwater getapt uit de muur, want we hebben weer veel gedronken onderweg. Alles was toch bijna op.

We genieten op het hoogste punt, op 1330 meter, van het geweldige uitzicht.

Dan gaan we het dorpje in dat geheel onder monumentenzorg valt. De huisjes zijn hier in de oude staat hersteld en heten "Pallozas" ze zijn Keltisch, half onder de grond gebouwd en hebben rieten daken.

Als je de autos uit het dorp wegdenkt, dan waan je jezelf in de middeleeuwen.

In een gezellige herberg gaan we een kopje koffie drinken. Cor oppert het idee om hier te informeren of ze soms nog een slaapplaats voor ons hebben. We krijgen een kamer met balkon en een geweldig uitzicht over de groene vallei met bergen en dalen.

De fietsen worden veilig in de stal opgeborgen, waar ook de kippen los rondlopen en de hond Cor meewarig en verwonderd aankijkt.

Dit is echt genieten en een perfecte beloning voor onze inspannende fietstocht annex "klimtocht" van vandaag.

We gaan ons lekker douchen en dan het mooie dorpje uitgebreider bezichtigen. Zeer mooi kerkje 10e eeuw.

Hier heb ik weer heel sterk het gevoel, dat ik heel gelukkig ben.

We wandelen langs de plaatselijke refugio en ontdekken ook waar de webcam hangt, hoog aan de gevel van de refugio.

 

Ans en Lei bellen ons nog op, ze zijn inmiddels naar een andere camping vertrokken n.l. "Brasilia" in Cannet-Plage in Zuid-Frankrijk.

Ook nog met Adèle, Rob en Opa gebeld. Hebben we de familie al weer van onze prestatie van vandaag op de hoogte gebracht.

Ondertussen is het weer etenstijd, we gaan in de herberg eten.

Oma Teresa Gonzales, de eigenaresse, komt vragen wat we willen eten. Ik versta iets van "macaroni", dus zeg ik si (dit betekent; JA). En nog iets van "pollo", hier knik ik bevestigend op. Krijgen we een heerlijke schotel macaroni en dan een bord frieten met kip, ze vergeet wel de salade. Ondertussen heb ik zo veel gegeten, deze krijg ik niet meer op. We krijgen er ook een fles rode wijn bij, die afgesloten is met een kurk die met een mesje op maat gemaakt is. Er komen nog meer pelgrimgangers eten vanuit de refugio. De eieren worden vers geraapt, buiten om het huis of in de stal, waar onze fietsen staan.

Weer even een rondje wandelen en genieten. Dan naar bed.

Rob is vandaag vertrokken vanuit Poitiers naar Biaritz, weer een stukje dichter bij ons.

Dag: 33

Woensdag, 6 september 2000

Afstand: 70,56 km Gem. 17,53 km/uur

Tijdsduur: 10.00 16.00 uur / Fietstijd: 4.03 uur

 

 

EL CEBREIRO PORTOMARIN.

Heerlijk geslapen, het was heel rustig en donker. Om 8.00 uur staan we op, douchen ons en gaan beneden ontbijten. We krijgen heerlijk, op open vuur, geroosterd brood. Jammer dat je hier alleen boter en jam bij krijgt, maar met twee koppen koffie kan ik er weer tegen.

We vertrekken om 10.00 uur. We komen nu weer in een ander gebied n.l. Galicië. Het landschap is hier groen en ook begroeid met bossen. Eerst krijgen we een kleine afdaling en dan gaat het weer bergop, we beklimmen de Alto de Poio tot een hoogte van 1335 mtr.

Bij een groot standbeeld, dat een Pelgrimganger de wind trotserend uitbeeldt, stoppen we om fotos te maken. Dan komt de Fransman langsfietsen, hij is alleen en heeft geen bepakking bij zich. Belangstellend vraag ik waar zijn vrouw is, hij is gejaagd en wil direct door fietsen. Hij vertelt ons toch nog dat hij in het begin de verkeerde afslag heeft genomen en toen op het pad van de wandelaars terechtkwam. Dit pad blijkt niet te fietsen, dus hij weer bergop, naar de juiste weg. Zijn vrouw is nu onderweg met alle bagage en haar fiets in een taxi. Hij fietst snel door want hij wil gelijktijdig met haar boven komen.

We vervolgen ook onze weg, en klimmen langzaam omhoog. Haalt ons een toeterende en slingerende auto in, blijkt later dat hier de Franse mevrouw in zat.

Het klimmen gaat vandaag weer vrij aardig, snel krijg ik het ook al weer warm, dus de extra trui gaat uit. Het eerst is Cor boven en daarna kom ik ook op de top aan. De Fransen staan voor mij te applaudisseren. Hierbij staan ook de Spaanse heren, ze kijken mij bewonderend aan. Ik trots natuurlijk, dat kan je wel begrijpen.

Een van deze jongens spreekt een beetje Engels. Cor praat met hem over voetbal, Barcelona en v. Gaal, dat alles hierboven op de Alto Poio in Spanje. Op deze top ligt in oktober al sneeuw en het kan hier flink koud zijn.

We genieten nog even van het mooie uitzicht, doen onze truien weer aan en dan gaan we afdalen, bijna 40 kilometer met een kleine onderbreking van twee korte klimmen.

Het gaat geweldig snel naar beneden, we moeten wel goed uitkijken en de veiligheid niet uit het oog verliezen. Onze gemiddelde snelheid zien we heel snel oplopen, maar helaas aan alles komt een einde, dus ook aan deze afdaling. Voorbij Sarria krijgen we weer enkele klimmen te verduren. Het blijft nu ook bergop en bergaf gaan.

Vandaag is alles bij alles genomen een zware etappe, we besluiten om in Portomarain de camping op te zoeken. Ik ben blij als we tenslotte op de camping aankomen en ons tentje weer opgezet hebben. We worden nog spontaan ontvangen door twee grote honden een boxer en een herder, beiden geen zuiver ras. De boxer is heel erg aanhankelijk en gaat op het grondzeil van de tent liggen, we kunnen bijna niet de tent opzetten. Hij blijft steeds heel dicht bij ons.

Naast ons staat een Nederlands paar, zij zijn ook onderweg naar Santiago de Compostela en fietsen volgens de zelfde route als wij. Zij hebben pech, want de vrouw heeft last van haar darmen en is ziek, daarom blijven ze nog een dag langer op de camping staan. Verder is het rustig, alleen nog een paar tentjes met Spanjaarden.

We bellen weer met de familie. Ik met Marjo en Cor met opa.

In het restaurant op de camping gaan we eten, het is hier heel gezellig.We kunnen zo de groentetuin zien liggen.

Allereerst krijgen we een heerlijke soep met veel groenten, vast en zeker vers geplukt, daarna eend met gebakken aardappeltjes en een gemengde salade tot slot nog een toetje na. Bij dit alles hebben we ons de wijn goed laten smaken. Onze buikjes zijn weer dik en rond. Even nog wat wandelen en dan naar bed.

Dag: 34

Donderdag, 7 september 2000

Afstand: 56,77 km Gem. 14,01 km/uur

Tijdsduur: 10.45 17.00 uur / Fietstijd: 4.03 uur

 

 

PORTOMARIN ARZÚA.

 

We worden wakker van het gekwebbel van onze Spaanse buren, die om 7.00 uur opstaan! Ze maken ontzettend veel lawaai. Waarom kunnen ze het niet wat rustiger en zachtjes aan doen?

We blijven toch lekker in onze slaapzak liggen en staan om 8.00 uur op.

Het is erg mistig. De camping ligt laag aan de rivier de Rio Miño, waardoor de tent nat is.

We gaan ons maar eerst douchen en aankleden, dan beginnen we langzaam met inpakken. De tent hangen we over de waslijn zodat deze kan drogen.

Ondertussen is het negen uur en kunnen we gaan ontbijten in het restaurant, dit hebben we gisteravond afgesproken.

We komen gelijk aanlopen met de eigenaar, deze gaat ons ontbijt klaar maken. We krijgen geroosterd brood, cake met jam en boter, we vragen nog wat brood extra. Uteindelijk hebben we dan meer dan genoeg gegeten.

We betalen met ons plastic geld, een geweldige uitvinding. Ik krijg zelfs nog 3!!! kusjes van onze "Don Juan", dit zijn toch leuke dingen om mee te maken.

Als we weer bij ons plekje aankomen, lopen de honden hier ook al weer rond, ze springen wat te enthousiast tegen mij op en dit vind ik niet meer zo leuk. Cor moet even zijn stem verheffen en weg zijn ze.

De tent is inmiddels ook ver opgedroogd en de mist is opgetrokken, we kunnen weer vertrekken. Nemen nog afscheid van onze Nederlandse buren en we vervolgen onze weg.

We besluiten om toch maar niet het hogerop gelegen dorpje te bezoeken, omdat het al laat is. Het is wel jammer, want het moet een heel interessant dorp zijn. Er is hier jaren geleden een stuwdam geplaatst, daardoor kwam het dorp onder de waterspiegel te liggen. Ze hebben toen alle oude en belangrijke gebouwen afgebroken en hogerop weer helemaal steen voor steen opgebouwd.

Wij moeten ons volgens het boekje weer gaan voorbereiden op een klim van 13 kilometer, we volgen de route een tijdlang over de drukke weg, gelukkig valt de drukte mee.

Maar dan buigen we af en gaan we verder over de camino.

Dit is weer prachtig fietsen, we komen veel wandelaars tegen en we groeten elkaar vriendelijk.

We ontmoeten een Zwitsers echtpaar en langs de weg hebben we een tijdlang met elkaar staan praten. Ze zijn vanuit Zwitserland vertrokken en hebben tot nu toe 2000 kilometers gefietst, wij 2500. Ze overnachten wel in hotelletjes, want die luxe gunnen ze zichzelf, zeggen ze. Het maakt ook niet zo veel uit, het belangrijkste is toch de achterliggende gedachte, waarom je aan deze pelgrimstocht begonnen bent. Iedereen heeft er zijn eigen idee en mening over en dat is ook goed zo. We nemen afscheid en ieder fietst dan weer in zijn eigen tempo verder.

Onderweg op een grasveldje bij een kerkje gaan we in de schaduw zitten en we genieten weer van onze lunch. Hier komt ook een hele grote groep Franse jongeren zitten, ze hebben geen bagage op de fietsen, deze ligt in de auto. Ze worden begeleid door 3!!! volgautos.

De route blijft ook vandaag weer bergop en bergaf gaan, maar de omgeving is prachtig.

De kilometers vorderen gestaag en het is inmiddels koffiepauze.

We stoppen bij een kleine gezellige bar, hier stempelen we onze passen af en gaan buiten in de schaduw zitten. Hier komt nog een Spaans wandelend stel bij ons zitten, ze zijn heel verliefd, geven elkaar steeds kusjes. De jonge vrouw deelt aan omstanders koekjes uit en deze smaken zeer lekker.

Via de grote weg komen we dan in Arzúa aan, dit is ons eindpunt voor vandaag.

Ik ben blij ook, want het was toch weer een heel inspannende etappe. Op het grote plein, in het centrum, informeren we naar de camping. Gelukkig die is er, een oude dame wijst Cor de weg. Op dit plein staan ook de groep Franse jongeren en ze vragen hoelang wij al onderweg zijn. Nou, ze vinden het "très bon" van ons, dat we al zoveel kilometers gefietst hebben.

Eerst ga ik nog een stempel halen op het kantoortje voor de kerk en dan richting camping.

Na een hele puzzeltocht vinden we dan toch de camping, hij ligt een eindje van de weg af, naar beneden bij een leegstaande discotheek. We worden heel vriendelijk door madam ontvangen, wij zijn de enige kampeerders en mogen een mooi plekje uitzoeken.

Volgens madam is dit het paradijs. Het klopt wel een beetje, we liggen onder de druivenranken met ons heen alleen maar golvende weilanden met beekjes.

In de douches zitten wel kakkerlakken maar deze spoelt Cor met het hete water weg en de douche is weer schoon. We zijn niet zo kieskeurig. We hebben ons toch lekker warm kunnen douchen en er is zelfs wc papier.

In het restaurant van de camping hebben we s-avonds gegeten Het is allemaal goed verzorgd en het smaakt ons prima. De wijn hoort er ook weer bij.

Mevrouw vraagt zich wel af waarom hier zoveel Nederlandse pelgrimgangers komen, ze weet niet dat deze camping speciaal in het route-boekje vermeld staat.

 

Dag: 35

Vrijdag, 8 september 2000

Afstand: 51,12 km Gem. 13,81 km/uur

Tijdsduur: 10.15 14.45 uur / Fietstijd: 3.42 uur

 

 

ARZÚA SANTIAGO DE COMPOSTELA.

Heerlijk geslapen, alleen hebben we enkele knallen gehoord, we weten niet waar die vandaan komen. Om 8.00 uur staan we op. Het is vanmorgen weer mistig en koud.

De tent is weer helemaal nat. We ruimen alles zo ver mogelijk op en hangen de tent over de aanwezige waslijn, ondertussen breekt al heel langzaam de zon door.

We hebben om 9.00 uur het onbijt besproken, dus gaan we na het douchen en tanden poetsen eerst in het restaurant ontbijten. Zoals gewoonlijk krijgen we alleen jam en boter bij het brood. Het brood is wel heel lekker, gebakken in olie, dat smaakt prima.

Nu nog de tent inpakken, die bijna droog is en dan op weg naar Santiago de Compostela ons einddoel.

In het dorp nog enkele boodschappen gedaan, eten en drinken voor onderweg en ook scheerschuim. Cor zit zonder en hij moet zich toch kunnen scheren nietwaar?

Het is vreemd, we beginnen nu echt aan ons laatste deel van de Camino. Even heb ik nog de hoop dat het vandaag een gemakkelijke etappe zal zijn, want we fietsen toch richting kust en dan denk je dat het bergaf zal gaan. Maar mooi niet. We moeten weer bergop en bergaf fietsen.

Het wordt ook steeds warmer de temperatuur loopt zelfs op tot 32 C.

We fietsen volgens ons boekje een alternatieve route, zo vermijden we de drukke hoofdweg de N547 richting Santiago, deze variant is 10 kilometer langer maar gaat over rustige weggetjes en door een groen landschap en langs riviertjes. We moeten nog twee stevige heuvels, de laatste loodjes, bedwingen en dan zien we op de top in het stadje Arins in de verte de torens van de kathedraal. We zijn er bijna.

Bij het naderen t centrum van Santiago de Compostela, wacht ons nog een hele steile klim en zelfs Cor moet van de fiets. Met al het drukke verkeer voor en naast ons is het niet te doen om hier fietsend omhoog te gaan. We besluiten wijselijk om te gaan lopen.

We komen van de verkeerde kant het plein voor de kathedraal op, maar dit is niet belangrijk, we hebben het gehaald. We hebben een afstand overbrugd met de fiets van 2584 kilometer!

Onze camino is ten einde, dit hebben we toch maar even samen geflikt, we omarmen elkaar en liggen een aantal minuten in elkaars armen. De tranen lopen over mijn wangen en ik ben trots op ons.

Een wildvreemde passant maakt met mijn toestel spontaan enkele fotos van ons beiden op het plein, met de kerk op de achtergrond.

Het is nu ook tijd om de familie te laten weten dat we zijn gearriveerd. Cor belt met zijn vader en ik bel Adèle op. Dit is ook emotioneel ik moet even goed slikken, want anders komen mijn traantjes weer. Rob op zijn GSM een boodschap ingesproken.

 

We gaan midden op het plein zitten en kijken onze ogen uit, de kathedraal ligt er prachtig bij.

Steeds komen nog nieuwe pelgrimgangers aan, iedereen is ontroerd.

Terwijl we hier zitten te genieten, komen twee Nederlanders naar ons toe en feliciteren ons, ze zijn gisteren aangekomen en gaan morgen weer naar huis.

Op het plein zit ook nog een grote groep Spaanse fietsers, die ook zojuist zijn aangekomen, we wensen elkaar proficiat.

De camino verbroedert.

Magda belt vanuit kantoor in Geleen nog op om ons geluk te wensen, iedereen op het werk is trots op ons.

We gaan nu naar het pelgrimskantoor en onze Compostelana ophalen. Dit certificaat krijgt men, als men geheel op eigen kracht, lopend / fietsend of met het paard, de tocht volbrengt.

Op het kantoor treffen we ook het Zwitsers echtpaar, ze zijn ook vandaag aangekomen en zijn nu hun terugreis naar Zwitserland aan t regelen.

Dan zijn wij aan de beurt, de Spaanse jongeheer die ons helpt, praat goed Duits. We hebben dan ook een heel leuk gesprek. Hij vraagt of we helemaal alleen de hele route afgelegd hebben, wij bevestigen dit en dan vraagt hij of we onderweg geen ruzie hebben gehad. Nee, alles is perfect verlopen. Hij vindt dit wel een pluimpje waard.

Nu gaan we, met de plattegrond in onze handen op zoek naar een hotel. Dicht bij het centrum ligt het hotel "Universal" aan de Plaza de Calicia, hier boeken we een kamer op de 3e verdieping !!!

Onze fietsen mogen in de hal staan, bij de receptie. Ze blijken de volgende dag tot onze verbazing naar de eerste etage te zijn gebracht.

We doen onze fietskleren uit en gaan lekker in bad en dan weer terug naar de kathedraal.

We gaan de kathedraal naar binnen en sluiten aan in de rij die klaar staat om achter het beeld van Jacobus om te gaan en deze dan te omhelzen. Cor legt een hand op zijn schouder en bedankt hem voor onze goed verlopen fietstocht van 35 dagen. Daarna gaan we naar de crypte, hier liggen de stoffelijke resten van Jacobus.

In stilte en diepe ontroering onderga ik dit alles.

We lopen nog even door de kathedraal en morgen komen we hier weer terug.

In een restaurantje s avonds iets gegeten. We hebben ook nog diverse telefoontjes gepleegd om iedereen van de laatste stand van zaken op de hoogte te brengen.

Weer terug naar ons hotel en lekker op tijd naar bed, met een zeer voldaan gevoel.

Dag: 36

Zaterdag, 9 september 2000

Eerste dag in Santiago de Compostela.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA.

We staan op onze normale tijd op, gaan in het hotel ontbijten in een kleine eetzaal met snelle bediening.

Vandaag willen we de pelgrimsmis bijwonen, dit moet een hele belevenis zijn.

De mis begint om 12.00 uur. We zitten al om 11.00 uur in de kerk, helemaal vooraan, want ik wil niets missen en alles van dichtbij meemaken. In de tussentijd is het al een hele bedrijvigheid op het altaar, ze zijn alles klaar aan het maken voor de hoogmis, terwijl de groepjes toeristen van diverse nationaliteiten door de kerk lopen begeleid door hun reislijder. Deze loopt voorop met opgestoken paraplu, zodat hij goed te zien is en vertelt de geschiedenis van de kathedraal.

Ondertussen gaan ze ook het grote wierookvat, de "botafumeiro" ( 1,2 mtr hoog en 80 kilo zwaar) op het altaar klaar zetten. Op het altaar zie ik het Spaanse paar van onderweg, dat zo verliefd was en ons koekjes gaf, staan. Zij mag tijdens de H. Mis iets voorlezen. We zijn hen pas twee dagen geleden gepasseerd, wij zijn met de fiets en zij te voet, dan hebben ze dat laatste stuk toch wel snel gelopen.

Bij ons voor de banken komt ook het Franse paar zitten. Zij zijn zojuist gearriveerd en dus nog net op tijd voor de Hoogmis. Deze begint precies om 12.00 uur.

Op het altaar staan 24 priesters plus de bisschop zelf, aan de zijkanten staan broeders en nonnen, deze zingen heel mooi. Het hoogtepunt is toch wel het zwaaien met het wierookvat. Het zwaait helemaal van links naar rechts door de dwarsbeuken over het altaar tegen het plafond aan. Er zijn 6 priesters voor nodig om het hele gevaarte heen en weer te zwaaien en in bedwang te houden. Geweldig, iedereen staat of zit ademloos toe te kijken. Dit is ook meteen het einde van de Hoogmis.

Als we naar buiten willen gaan komen we ook het Spaanse paar en de drie Spaanse jongemannen tegen, we omarmen elkaar er worden fotos genomen en het lijkt of we een heel grote familie zijn, er heerst een groot gevoel van saamhorigheid. We zijn elkaar pas hier op de camino tegengekomen. De Spaanse jongeman die Engels praat komt uit Barcelona en hij is echt gek van voetbal, hij kent iedere goede Nederlandse voetballer, volgens Cor wordt

Nederland wereldkampioen en volgens hem wordt dat uiteraard Spanje. Hierna volgt nog een leuke discussie tussen die twee.

Er komt ook nog een Spaanse mevrouw op Cor af en begint hem spontaan te kussen. Zij is gisteren gelijk met ons gearriveerd.

Dan gaat ieder zijn eigen weg en zullen we elkaar waarschijnlijk nooit meer tegenkomen.

We gaan weer terug naar het hotel en gaan even op bed liggen.

s Avonds gaan we het centrum in om ergens te gaan eten komen we Jan en Greet tegen, zij zijn donderdag aangekomen en gaan morgen naar huis. We besluiten om samen ergens iets te gaan eten. Het is heel leuk het lijkt net of je elkaar al jaren kent, je hebt allen dezelfde weg afgelegd, dit schept een band.

Ter afsluiting bestellen wij een kopje koffie en Cor bestelt thee. Wij krijgen de koffie geserveerd in een heel klein mini kopje, Cor krijgt een grote pot thee. Wij kijken vol afgunst naar zijn groot kopje. Als hij wil inschenken, zit er geen water in zijn theepot, alleen een theezakje! Verwondering alom bij Cor. We schieten in de lach, de tranen lopen over onze wangen.

Dit is zijn straf want hij wil de ober constant Engelse woordjes leren en dit lukt hem niet zo goed.

Na het eten nemen we weer afscheid en wij wensen hen een goede terugreis.

Weer terug naar het hotel, dit is toch wel echt luxe en ik mis mijn tentje nog niet.

Dag 37:

Zondag, 10 september 2000

Tweede dag in Santiago de Compostela.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA.

 

Lekker lang uitgeslapen en na het ontbijt weer naar de Kathedraal, we zijn nog lang niet uitgekeken.

We zien de Franse jongeren ook aankomen op het plein, echter nu met alle bepakking wèl op de fietsen meeslepend. Alleen vandaag zeker!

Dat noem ik jezelf voor de gek houden.

Er wordt ook veel muziek gemaakt in de straten nabij de kathedraal, vooral met de gaita (Galicische doedelzak) en houten fluiten dit geeft een heel aparte sfeer.

Op het plein voor de kathedraal komen twee fietsers aan. Deze blijken ook uit Limburg te komen. Wij verwonderen ons, terwijl zij ook nog uit midden-Limburg komen, over hun totale afgelegde afstand. Nu blijkt dat zij na Leonard in Frankrijk van de route zijn afgeweken en rechtdoor naar het zuiden zijn gefietst, dit scheelt minstens 150 kilometer.

Overdag maken we een stads-rondrit door Santiago met een bus met open dak. We zien dan in tijdsbestek van 50 min. alle bezienswaardigheden van de stad. Vandaag horen we ook weer de harde knallen. We weten echt niet wat dit betekent.

Nu we alles rustig kunnen bekijken valt het ons ook op dat hier ontzettend veel bedelaars rondlopen, ze staan voornamelijk bij de diverse ingangen van de kathedraal, wij vinden dit heel ergerlijk.

Het toppunt van verderfelijkheid maken wij s avonds mee in kerk; bij binnenkomst is het een vast gebruik om de pilaar waarop een St.Jacobsbeeld staat, aan te raken. Duizenden, zo niet miljoenen handen gingen ons voor.

Hieronder zijn twee uitsparingen in de pilaar gemaakt, waar de Spanjaarden geld in plegen te deponeren.

Wat schetst onze verbazing als wij s avonds een jongen op zijn nikes en in zijn spijkerbroek, die later ook een bedelaar blijkt te zijn, zich bukt en verrijkt met de gaven van de Spanjaarden.

We stonden aan de grond genageld en waren sprakeloos.

Het is een raar gevoel, dat we al een paar dagen niet hebben kunnen fietsen. Ik mis het al

een beetje.

Dag 38:

Maandag, 11 september 2000

Derde dag in Santiago de Compostela.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA.

 

Vandaag willen we dan toch maar weer onze fietsen te voorschijn gaan halen.

We vragen aan de portier waar onze fietsen zijn, deze kunnen we dus op de eerste etage gaan halen. We moeten ze de trappen omlaag tillen, want ze passen niet in de lift.

Onze trip gaat naar Padron.

Dit is in de legende van Santiago de plaats waar het dode lichaam van de H. Jacobus met een bootje aan land is gekomen. Het ligt ongeveer 25 kilometer ten zuiden van Santiago de Compostela. Dat moet toch wel te doen zijn.

Allereerst gaat het goed bergaf, maar dan wordt het toch weer pittig, er volgen een paar flinke klimmen.

Het eerste gedeelte is nog druk, want dan zijn we nog in de voorsteden, maar dan fietsen we over kleinere rustige wegen.

De natuur is hier ook mooi. Op de weg naar Padron komen we ook weer de stickers van de

St. Jacobsgenootschap uit Haarlem tegen, dit is weer een hele steun voor ons.

We zitten op de juiste route.

Als we in het stadje aankomen hebben we geluk dat de kerk nog open is. Deze kunnen wij dus gaan bezoeken. Onder het altaar in deze kerk ligt de stenen paal, waaraan het bootje werd vastgemaakt. Deze paal heet een Romeinse stellae.

Aan de andere kant van het centrum over een mooie stenen brug ligt de fontein "de fuente de Carmen" hierop wordt de legende van St. Jacob afgebeeld.

We lopen met onze fietsen aan de hand nog door het stadje, verder valt er niet veel te bezichtigen. Er is wel een mooi park, hier gaan we lekker in de schaduw op een bankje zitten en genieten van de rust om ons heen. Het is intussen weer tijd om terug te gaan naar Santiago.

We fietsen dezelfde weg terug, dus nu hebben we alles in de omgekeerde volgorde en als laatste moeten we de flinke klim voor de stad overwinnen. Het verkeer wordt nu ook steeds weer drukker.

Uiteindelijk hebben we een leuke fietstocht gemaakt. Het is wel vreemd fietsen zonder tassen, hier moet je weer op instellen, het stuurt heel anders.

We zijn het fietsen echter nog niet verleerd.

Dag: 39

Dinsdag, 12 september 2000

Vierde dag in Santiago Compostela.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA.

 

Vandaag hebben we niet veel op de planning staan, we bezoeken enkele museums, kopen nog wat souvenirs en hebben verder een heel rustige dag.

We genieten op Praza de Obradoiro voor de kathedraal van de diverse pelgrimgangers van diverse nationaliteiten die mondjesmaat arriveren, iedereen is blij dat de tocht volbracht is.

We moeten ook nog diverse kaarsen aansteken, deze zijn wel niet echt, er gaat een lampje branden, maar het gaat toch om de intentie die er achter zit.

Onderweg hebben we wel genoeg echte kaarsen aangestoken.

In het hotel bij de receptie, waar ze alleen maar Spaans spreken, probeer ik hen duidelijk te maken, dat wij morgen op onze kamer een bed bijgeplaatst willen hebben.

Ik ben benieuwd of ze me goed begrepen hebben.

Rob komt ons, als alles goed gaat met de auto ophalen.

Dag: 40

Woensdag, 13 september 2000

Vijfde dag in Santiago de Compostela.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA.

 

Rob vertrekt vandaag vanuit Biaritz naar Santiago de Compostela, hij heeft een lange dag voor de boeg.

Wij gaan wandelen via de originele pelgrimsroute naar de Monto del Gozo dit betekent vreugdeberg. De pelgrimganger ziet vanaf deze berg voor het eerst de torens van de kathedraal en weet dat de tocht bijna voltooid zal zijn.

Wij zijn met de fiets van een andere richting gekomen, maar we willen toch graag het gevoel hebben om op deze berg te staan en dan de contouren van de Kathedraal te ontwaarden. Het is nog een heel eind lopen. We komen eerst in een heel groot vakantiedorp, hier is ook de refugio. Het is allemaal vrij nieuw en keurig onderhouden, in het café gaan we een kopje koffie drinken. Op dit moment belt Rob ons op, zijn reis loopt voorspoedig. Hij zal na een aantal uren weer contact met ons opnemen.

We lopen verder de berg omhoog en gaan op zoek naar de camping, kijken wat we gemist hebben. Nou niet veel, want de camping is al gesloten en het hekwerk is dicht, dus wij kunnen niet het terrein op. Zijn wij blij dat we hier niet naartoe gefietst zijn, helemaal bergop.

Op de top staat een groot standbeeld dat pelgrimgangers uitbeeldt die in de verte Santiago zien liggen. Het is jammer dat we slecht zicht hebben, het is mistig weer. Nu weer terug naar de stad, het valt niet mee dit stuk lopen en dan hebben wij nog geen rugzak bij ons voor de pelgrimgangers moet het dan ook een heel moeilijk stuk zijn. Het gevoel hebben zo dichtbij te zijn en toch nog zeker 2 uur wandelen.

Rob belt weer op het gaat nu niet zo snel, want hij heeft allemaal binnenwegen en deze gaan ook bergop en af, wel mooi, pal langs de kust.

In het hotel aangekomen, hebben ze al een extra bed klaargezet, dus heb ik het toch goed kunnen duidelijk maken.

Ondertussen bevindt Rob zich vlak voor Santiago. Cor gaat naar het afgesproken meetingpoint, vlak bij het station. Bij een rotonde iets verderop ziet Cor de auto stil staan voor een verkeerslicht, hij eropaf.

Doet Rob de deur niet open en hij zwaait zeer fanatiek van nee. De portieren zijn vergrendeld.

Hij denkt zeker: "Wat is dit voor een onguur type". Dan ziet dan hij opeens dat het zijn vader is, snel de deur ontgrendeld. En vervolgens samen in de juiste richting van het hotel.

Om ongeveer 20.00 uur komen ze bij het hotel aan, ik ben blij dat ik Rob kan omhelzen. De reis is goed verlopen, het heeft wel lang geduurd. Hij is bijna 11 uur onderweg geweest.

We gaan eerst even naar de Kathedraal. We hebben een afspraak met Bert, deze heeft via internet een verbinding met de webcam bij de fontein aan de zijkant van de kathedraal (Praza de Praterias = plein van de edelsmeden). We hebben telefonisch contact met hem en hij ziet ons via zijn beeldscherm op de trapjes zitten. We lopen nog iets dichter naar de camera toe en Bert kan ons nu duidelijker zien. Dit is toch weer een leuk moment.

We gaan met zijn drieën in de buurt van het hotel in een gezellig restaurant eten en dan naar bed, want we besluiten om morgen toch maar naar huis te vertrekken.

Het is wel nog spannend of we kunnen doorrijden, want in Frankrijk en België zijn de vrachtwagenchauffeurs aan het staken i.v.m. de te hoge brandstofprijzen en diverse knooppunten zijn geblokkeerd.

Dat zien we morgen en overmorgen dan wel weer.

Dag: 41

Donderdag, 14 september 2000.

 

 

SANTIAGO DE COMPOSTELA BIARITZ.

(met de auto)

 

Na een onrustige nacht van mij, staan we om 8.00 uur op, we gaan in het hotel ontbijten.

Rob is toch al weer enigszins uitgerust, hij kan de thuisreis wel aan. Beneden bij de receptie ga ik de rekening betalen, alweer met plastic geld.

Cor bevestigt de imperial op de auto, die aan de overkant van het hotel in een parkeergarage staat. De fietsen worden naar beneden gehaald en dan boven op de auto. Dit lukt niet want de fietsdrager zit er achterstevoren op. Deze weer helemaal demonteren en dan weer goed op het dak plaatsen. Dit is een zenuwachtig gedoe, want voor het hotel is het ontzettend druk met het af en aan rijden van bussen, eigenlijk mag de auto hier niet parkeren. Gelukkig laat Cor zich niet gek maken en uiteindelijk staan de fietsen goed vastgesjord op het dak van de auto. Nu kunnen we vertrekken, richting Geleen.

We nemen dezelfde weg als Rob op de heenreis gevolgd heeft. Rond het middaguur gaan we onderweg in een restaurant iets eten en vervolgen dan onze weg. We besluiten om tot Biaritz te rijden en daar dan een hotel te zoeken in de buurt van het vliegveld. Rob weet hier de weg, dus dit komt goed uit.

Het eerste hotel waar wij stoppen is al volgeboekt. Door naar de volgende. Hier hebben we meer geluk, er zijn nog twee studios vrij op de bovenste etage, waarvan wij er een boeken. We kunnen hier makkelijk met zijn drieën slapen.

Met opa gebeld en gevraagd hoe de situatie op de wegen is i.v.m. de blokkades, hij moet voor ons informeren en morgen bellen we weer op.

De auto met de fietsen op het dak laten we achter op de parkeerplaats, s nachts een paar maal een schietgebedje gedaan, in de hoop dat de fietsen niet gestolen worden. Toch nog vrij snel in slaap gevallen.

 

Dag: 42

Vrijdag, 15 september 2000

 

 

BIARITZ GELEEN.

(met de auto)

 

Redelijk geslapen vannacht, op normale tijd staan we op en gaan in het restaurant ontbijten.

Buiten zie ik dat de fietsen gelukkig nog op de auto staan, heeft mijn schietgebedje toch geholpen.

Gisteravond was er nog geen nieuws i.v.m. de stakingen. We gaan op weg en zien wel hoever we komen.

Het schiet aardig op en de kilometers lopen op, we rijden nu ook op de autoweg. Dit is makkelijker rijden en het is ook niet druk.

Rond het middaguur zijn we in de buurt van Futuroscope, inmiddels hebben we honger gekregen. Rob heeft het idee om hier op het complex iets te gaan eten, want dat moet ook gebeuren.

Hij laat ons nog zijn hotel zien, waar hij gelogeerd heeft. Hier willen we iets eten maar het restaurant is niet open. Dan maar een ander hotel proberen, er liggen er genoeg. Hier zijn we wel welkom en we bestellen een gebakken eitje met spek. Het heeft ons goed gesmaakt, nu weer verder. Ik bel met Adèle en vraag of zij via haar computer wil nakijken hoe het op dit moment met de wegversperringen zit. We spreken af dat ik in de middag nog eens met haar bel. We bellen ook met opa, of hij iets meer weet maar hij heeft al het hele "rampenplan" klaar. We moeten omrijden via Zwitserland en Duitsland. We zijn een beetje eigenwijs en besluiten om toch gewoon door te rijden.

De auto heeft brandstof nodig, dus wij gaan tanken en hier hebben we weer een korte pauze. Ik bel weer met Adèle en volgens de laatste berichten zijn in Frankrijk alle blokkades al opgelost en in België worden ook de blokkades opgeheven. Cor praat nog met een Nederlandse vrachtwagenchauffeur, deze heeft de modernste apparatuur aan boord, hij heeft ook berichten ontvangen dat de wegen weer vrij zijn.

Rob gaat nu achter het stuur, en weer iets gerustgesteld vervolgen we onze weg naar huis. In de auto bel ik nog met opa en volgens hem moeten we toch de alternatieve route nemen, maar op dit moment hebben wij hier niet zo veel zin in.

De reis loopt voorspoedig, voor Parijs neemt Cor weer het stuur over van Rob. In Parijs hebben we pech, we zitten in de file. Het is jammer maar gelukkig kunnen we nog langzaam doorrijden, in de tegenoverstelde richting staat het verkeer muurvast. Het heeft minstens 1,5 uur gekost om door Parijs te komen, maar toch overleggen wij of we niet beter door kunnen rijden naar huis. Het heeft niet veel zin om in België in een hotel te overnachten, terwijl we dan al zo dicht bij huis zijn. We rijden door tot thuis en om 12 uur stappen we na 6 weken weer ons huisje binnen.

De terugreis ging veel sneller dan de heenreis. In totaal reden we met de auto 25 uren in 2 dagen !!

De familie is weer heel actief geweest, ze hebben spandoeken opgehangen en het huis versierd, als ik dit zie krijg ik een brok in mijn keel, wat een geweldig onthaal. Cor belt nog met opa, dat we goed zijn aangekomen, kan hij ook rustig slapen.

Weer in ons eigen "nest" slapen, heerlijk.

Zaterdag, 16 september 2000.

 

 

GELEEN .

 

Omdat we gisteravond thuis zijn gekomen, hebben wij de plannen van de familie danig verstoord.

Rob heeft hen op onze terugweg, met zijn g.s.m., op de hoogte gehouden.

Eigenlijk hadden we pas zaterdagmorgen "mogen" thuiskomen. Het was dan de bedoeling dat de hele familie in ons huis aanwezig zou zijn.

Maar de verrassing is er niet minder om, als 10.30 uur de hele familie binnenkomt. Iedereen is dan aanwezig.

Ontroerd kunnen we onze eerste indrukken en verhalen kwijt. De taart (met schelp) smaakt voortreffelijk en de bos bloemen (met schelp) ruikt heerlijk.

Dit is pas een warm onthaal. Wij zijn ontzettend blij en trots dat we zon geweldige familie hebben.

Jammer onze fietstocht zit er op.

Je leert tevreden te zijn met eenvoudige kleine dingen en het gewone / alledaagse opnieuw te waarderen.

Wat hebben wij een ervaringen opgedaan en leuke mensen ontmoet van verschillende nationaliteiten.

Zon tocht ondernemen vanuit geloofsovertuiging is zeker niet ons eerste uitgangspunt geweest, maar gaandeweg zijn wij toch tot de conclusie gekomen dat het Geloof in de Heilige Drie-eenheid, iets speciaals en rustgevend kan zijn.

Waaruit vele mensen, hoop en steun kunnen putten.

In Spanje viel het ons vooral op dat ook veel jonge mensen op de Camino onderweg waren.

Iedere dag weer was het fijn om zorgeloos samen van het ene plaatsje naar het andere te fietsen en de bergen te overwinnen, genietend van de natuur en omgeving.

Zag ik het even niet meer zitten, dan wist Cor mij weer op te beuren.

We zijn beiden niet zon praters, wij hebben nog nooit zoveel gepraat als deze afgelopen weken. Er waren ook momenten dat we niets zeiden, het samenzijn was voor ons al voldoende.

Cor en ik hebben een goed huwelijk en tijdens deze tocht is onze band alleen nog maar versterkt. Ik vind het prettig om dag en nacht bij hem te zijn.

Deze tocht was een geweldige belevenis, die we ons leven lang niet zullen vergeten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

UITRUSTING.

 

 

Koga Miyata (randonneur), herenframe 54 en damesframe 50.

Resp.17,3 kg / 17,8 kg Kleur; green metallic.

Achterwielen uitgerust (verstevigd) met totaal 40 spaken.

Banden; continental Top Touring 2000 (37 mm), extra met anti-lek lint (voor en achter).

Crankset (3): 44x32x22 Cassette (9): 11/12/14/16/18/21/24/28/32

Remmen: V-brakes met voor Brake Power Controller.

Vlinderstuur omhuld met schokabsorberend schuim en achteruitkijkspiegeltje.

Fietsen zijn uitgerust met combi-pedalen, d.w.z. een gewone kant en andere kant klick-systeem.

Sophie fietste met bijbehorende fietsschoenen (SPD) en Cor met speciale sandalen (SPD).

In de zadeltasjes zaten resp. gereedschap (Cor) en fototoestel (Sophie).

Kilometerteller: SIGMA BC 1200, met 8 functies.

 

Reserve-onderdelen; 2 x binnenband Bikersmes (gereedschap)

Plakspullen en wat kleingereedschap ( o.a. in-bussleuteltjes, tire-wraps, siliconenspray).

 

Tassen Ortlieb: back-packer light achter (li en re) en voor frontrollers (li en re).

Cor stuurtas (voor waardepapieren etc.), met waterdichte kaartenmap.

Cor; kleur zwart Sophie; kleur rood

De tassen waren gemerkt met L en R (links en rechts).

L-voor; nachtspullen / toiletspullen R-voor; kleding

L-achter; slaapzak / matje / kussentje regenkleding R-achter; eten / bordjes (Sophie)

R-achter; keuken / tent (Cor)

Indeling geldt voor beiden (is makkelijk bij elkaar helpen met uit en inpakken).

Gehele tocht hebben we met de helmen op gefietst (dat is in Spanje eigenlijk verplicht sinds 1/1-2000).

Therm-a-rest slaapmatjes (2,5 cm dik / 51 cm breed / lengte 1,83 mtr), ook te gebruiken als zitstoeltjes.

Allesbrander MSR (gebruikte vloeistof; wasbenzine), met tefal compact pannensetje.

Tent: Wild Country Sirocco (3,8 kg.)

Voor de gehele tocht slechts 1 rol toiletpapier nodig gehad!

(Hoe dat mogelijk is leg ik wel eens een keer persoonlijk uit).

Uitgangspunt; Alles wat je thuis laat is meegenomen.

Totaal gewicht van bagage inclusief de tassen; Cor 24 kilo Sophie 20 kilo.

 

 

Santiago de Compostela 2000

Dag

Datum

 

Tijdsduur

Fiets

Afstand

Gem.

     

uur

tijd

Km

km/uur

Zat.

5 aug.

Geleen-Hiermond

9.00-19.00

7.01

99,48

14,16

Zon.

6 aug.

Hiermond-Bastogne

10.00-17.45

5.30

78,01

14,15

Ma.

7 aug.

Bastogne-Abdy Orval

11.00-17.00

4.38

66,50

14,30

Di

8 aug.

Orval-Varennes en Argonne

10.00-17.30

5.09

75,66

14,69

Wo.

9 aug.

Varennes-Châlons s.Marne

10.00-17.30

5.12

75,32

14,89

Do.

10 aug.

Châlons sur Marne-Troyes

9.30-18.15

6.37

102,38

15,46

Vr.

11 aug.

Troyes-Ligny le Châtel

11.30-18.00

4.45

70,93

14,93

Zat.

12 aug.

Ligny-Vezelay

9.30-17.30

5.50

85,01

14,53

Zon.

13 aug.

Rustdag in Vezelay 0

       

Ma.

14 aug.

Vezelay-Nevers

8.45-17.30

6.30

99,44

15,29

Di

15 aug.

Nevers-St. Amand Montrond

10.30-17.45

4.59

76,87

15,38

Wo.

16 aug.

St. Amond-St.Plantaire

10.30-20.30

8.06

112,55

13,90

Do.

17 aug.

St.Plantaire-Bénévent

10.30-17.30

4.45

61,08

12,83

Vr.

18 aug.

Bénévent-St.Germain les Belles

10.00-18.15

6.06

80,26

13,14

Zat.

19 aug.

St.Germain-Donzenac

10.45-18.00

5.32

76,13

13,75

Zon.

20 aug.

Donzenac-Rocamadour

10.30-18.15

5.17

68,25

12,87

Ma.

21 aug.

Rocamadour-Cahors

11.30-18.15

5.14

74,85

14,27

Di

22 aug.

Cahors-Auvilar

10.30-16.45

5.06

81,95

16,05

Wo.

23 aug.

Auvilar-l'Ilse de Noé

9.15-18.00

6.29

93,14

14,80

Do.

24 aug.

Ilse de Noé-Morlaàs

9.30-17.00

5.26

77,05

14,14

Vr.

25 aug.

Morlaàs-Maulèon

9.45-18.15

5.46

89,80

15,57

Zat.

26 aug.

Maulèon - St.Jean-Pied-de-Port

10.30-14.30

3.08

41,65

13,25

Zon.

27 aug.

St.Jean-Pied-de-Port - Huarte

9.30-17.00

5.30

72,27

13,14

Ma.

28 aug.

Huarte-Estella

10.15-17.00

4.53

64,75

13,25

Di

29 aug.

Estella-Najarra

10.30-18.00

5.03

79,58

15,73

Wo.

30 aug.

Najarra-Burgos

10.15-18.30

6.22

105,29

16,53

Do.

31 aug.

Burgos-Fromista

12.30-18.00

4.32

83,55

18,36

Vr.

1 sept.

Fromista-Sahagun

9.45-16.15

4.34

67,02

14,66

Zat.

2 sept.

Sahagun-Leon

10.15-16.00

4.14

65,80

15,52

Zon.

3 sept.

Leon-Astorga

10.15-16.30

4.04

65,28

16,05

Ma.

4 sept.

Astorga-Cacabalos

9.00-16.15

4.50

72,03

14,89

Di

5 sept.

Cacabalos-O Cebreiro

10.00-16.00

3.51

43,90

11,41

Wo.

6 sept.

O Cebreiro-Portamarain

10.00-16.00

4.03

70,56

17,53

Do.

7 sept.

Portomarain-Azura

10.45-17.00

4.03

56,77

14,01

Vr.

8 sept.

Azura-Santiago de Compostela

10.15-14.45

3.42

51,12

13,81

         

2584,23

 
             

Totaal 31,5

Gefietst

Waarvan 3 x halve etappe/dag

       

Rustdag: 1

           
             

Aantal km:

2584

         

Totale

Fietstijd:

176 uren (gemiddeld 14,68 km/uur)

       
             

Per dag

Gemiddeld;

80 km

       
             

Terugreis

(auto)

Santiago de Compostela - Geleen

       

Vr.

13 sept.

Santiago de Compostela Biarritz

       

Za.

14 sept.

Biarritz Geleen

       

Totaal

1965 km

Rijtijd: 25 uren

       
             

Terug naar Fietsreisverslagen
Terug naar hoofdpagina